Persoonsbladen


 
Bestand:C:\PG30\NL\DATA\VELTHUIS
Datum:26-06-2019

1    Herm (Herm) Velthuis in olde Holtwijck, landbouwer te Groot Agelo, geboren ca. 1650 te Groot Agelo, gedoopt te Ootmarsum, huwt Aele.
Gehuwd ca 1680 te Ootmarsum. In aanmerking komen twee echtparen: 1. Harmen ter Braeck, j.m. Groot Agelo met Ale Meynerinck j.d. uit Gr.Agelo, ondertrouw op 9 jan. 1676, gehuwd 30 jan. 1676 Ootmarsum 2. Harmen Sleyderink, wednr. Gr.Agele en Aeltjen Assinck, j.d. uit Gr.Agelo, ondertrouw 11 okt. 1676, gehuwd op 1 nov. 1674 Ootmarsum met Aële N.N. (zie 2).
Uit dit huwelijk:
   1.  Joannes In Olde Holtwijck (zie 33).
   2.  Wilhelmus Velthuis in Olde Holtwijk (zie 4).
   3.  Gesina (Geese) Velthuis in Olde Holtwijk (zie 34).
   4.  Adelheidem (Ale) In Olde Holtwijck (zie 35).

2    Aële N.N. Gedoopt ca. 1652 te Ootmarsum.
Gehuwd ca 1680 te Ootmarsum. In aanmerking komen twee echtparen: 1. Harmen ter Braeck, j.m. Groot Agelo met Ale Meynerinck j.d. uit Gr.Agelo, ondertrouw op 9 jan. 1676, gehuwd 30 jan. 1676 Ootmarsum 2. Harmen Sleyderink, wednr. Gr.Agele en Aeltjen Assinck, j.d. uit Gr.Agelo, ondertrouw 11 okt. 1676, gehuwd op 1 nov. 1674 Ootmarsum met Herm (Herm) Velthuis in olde Holtwijck (zie 1).
Uit dit huwelijk: 4 kinderen.
 
3    Euphemia (Fenneken) Ten Postel, geboren circa 1690 te Oud-Ootmarsum, overleden vóór 1724 te Groot Agelo.
Ondertrouwd op 05-05-1715 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 19-05-1715 te Ootmarsum. Naam bij huwelijksinschrijving: Willem Holtwick. Fenneken is ten tijde van haar huwelijk jonge dochter in Klein Agelo met Wilhelmus Velthuis in Olde Holtwijk, 31 jaar oud (zie 4). {Hij is later gehuwd voor de kerk op 41-jarige leeftijd op 19-11-1724 te Ootmarsum. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Gesina (Geesken) Ten Braecke, 37 jaar oud (zie 5). Hij is later ondertrouwd op 17-05-1726 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 42-jarige leeftijd op 10-06-1726 te Ootmarsum met Geertruida (Geertken) Larinck (zie 6), naam bij huwelijk: Willem Velthuis.}
Uit dit huwelijk:
   1.  Gertrudem (Geertken) Ex Olde Holtwijck (zie 37).
   2.  Jenneken Uit Olde Holtwick (zie 39).

4    Wilhelmus Velthuis in Olde Holtwijk, landbouwer in Olde Holtwijk in Groot Agelo, gedoopt op 23-09-1683 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Lambert).
Ondertrouwd (1) op 05-05-1715 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 31-jarige leeftijd op 19-05-1715 te Ootmarsum. Naam bij huwelijksinschrijving: Willem Holtwick. Fenneken is ten tijde van haar huwelijk jonge dochter in Klein Agelo met Euphemia (Fenneken) Ten Postel (zie 3).
Gehuwd voor de kerk (2) op 41-jarige leeftijd op 19-11-1724 te Ootmarsum. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Gesina (Geesken) Ten Braecke, 37 jaar oud (zie 5).
Ondertrouwd (3) op 17-05-1726 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 42-jarige leeftijd op 10-06-1726 te Ootmarsum met Geertruida (Geertken) Larinck (zie 6), naam bij huwelijk: Willem Velthuis.
Uit het eerste huwelijk: 2 kinderen.
Uit het derde huwelijk:
   3.  Euphemia (Fenne) Uit Olde Holtwijck (Oude Wiecherink) (zie 40).
   4.  Gerhardus int Olde Holtwijck (zie 42).

5    Gesina (Geesken) Ten Braecke, gedoopt op 13-03-1687 te Ootmarsum, Groot Agelo, dochter an Harmen Braeck, Harmen ter, ten Braeck in Olde Garveelinck en Ale Meijnerink, overleden vóór 1726 te Groot Agelo.
Gehuwd voor de kerk op 37-jarige leeftijd op 19-11-1724 te Ootmarsum. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Wilhelmus Velthuis in Olde Holtwijk, 41 jaar oud (zie 4). {Hij was eerder ondertrouwd op 05-05-1715 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 31-jarige leeftijd op 19-05-1715 te Ootmarsum. Naam bij huwelijksinschrijving: Willem Holtwick. Fenneken is ten tijde van haar huwelijk jonge dochter in Klein Agelo met Euphemia (Fenneken) Ten Postel (zie 3). Hij is later ondertrouwd op 17-05-1726 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 42-jarige leeftijd op 10-06-1726 te Ootmarsum met Geertruida (Geertken) Larinck (zie 6), naam bij huwelijk: Willem Velthuis.}
 
6    Geertruida (Geertken) Larinck, geboren circa 1700 te Tilligte, ten tijde van haar huwelijk is ze jonge dochter in Tilligte.
Ondertrouwd op 17-05-1726 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 10-06-1726 te Ootmarsum met Wilhelmus Velthuis in Olde Holtwijk, 42 jaar oud (zie 4), naam bij huwelijk: Willem Velthuis. {Hij was eerder ondertrouwd op 05-05-1715 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 31-jarige leeftijd op 19-05-1715 te Ootmarsum. Naam bij huwelijksinschrijving: Willem Holtwick. Fenneken is ten tijde van haar huwelijk jonge dochter in Klein Agelo met Euphemia (Fenneken) Ten Postel (zie 3). Hij was eerder gehuwd voor de kerk op 41-jarige leeftijd op 19-11-1724 te Ootmarsum. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Gesina (Geesken) Ten Braecke, 37 jaar oud (zie 5).}
Uit dit huwelijk: 2 kinderen.
 
7    Johanna Steggink, gedoopt op 08-10-1729 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Geertje Colthoff), dochter van Jan Steggink en Joanna Nijhuijs.
Ondertrouwd op 30-03-1755 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 25-jarige leeftijd op 20-04-1755 te Ootmarsum (getuige(n): Mette Tijinck en Euphemia Tuninck) met Hermen Jan Velthuis in Oude Holtwijk, 27 jaar oud (zie 8).
Uit dit huwelijk:
   1.  Gerardus Velthuis in Oude Wiecherink (zie 9).
   2.  Joanna In Oude Wiecherink (zie 10).

8    Hermen Jan Velthuis in Oude Holtwijk, na zijn huwelijk landbouwer in Oude Wiechert in Groot Agelo, gedoopt op 26-08-1727 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Ale Holtwijk). Hij erft van zijn tante Geese Veldhuijs, testament 1764.
Ondertrouwd op 30-03-1755 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 27-jarige leeftijd op 20-04-1755 te Ootmarsum (getuige(n): Mette Tijinck en Euphemia Tuninck) met Johanna Steggink, 25 jaar oud (zie 7).
Uit dit huwelijk: 2 kinderen.
 
9    Gerardus Velthuis in Oude Wiecherink, landbouwer in Oude Wiecherink in Groot Agelo, gedoopt op 15-10-1756 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Hermken Oude Wiggerink), overleden op 18-09-1824 te Groot Agelo op 67-jarige leeftijd, huisnummer 5. Memorie van successie van Gerrit Velthuis, overleden 8 september 1824. Op heden 10 februari 1825 wordt aangegeven door 1. Gerrit Jan Velthuis, landbouwer 2. Hermen Jan Velthuis, landbouwer 3. Janna Velthuis, geassisteerd door haar man Albert Meijer, wever 4. Janna Velthuis, zonder speciaal beroep, alle wonende te Groot Agelo. 5. Hermina Velthuis, geassisteerd door haar man Hendrikus Luttikhuis te Haarle, kiezende allen ten dezen domicilie ten woonhuize van eerstgenoemde. Zij verklaren dat Gerrit Velthuis, landbouwer, ab intestato op 8 september 1824 te Groot Agelo is overleden; dat de erfgenamen zijn Gerrit Jan-, Janna-, Janna-, Hermen Jan- en Hermina Velthuis, alle 5 kinderen van de overledene, en dat door dit overlijden geen fidei commis is gedevolveerd noch vruchtgebruik vervallen; Dat de nalatenschap bestaat in de halfscheid van de volgende vaste goederen, alle in Groot Agelo gelegen, als 86 roeden 25 ellen bouwland en 27 roeden 25 ellen hooiland. Waaran deze memorie is opgemaakt. X merk van G.J. Velthuis, X merk van H.J. Velthuis, X merk van Janna Velthuis X merk van Albertus Meijer X merk van Janna Velthuis X merk van Hermina Velthuis X merk van Hendrikus Lutttighuis. Inv. 3.1/2666 Statenarchief: Register 50e penning. Op 26 sept. 1794 geeft Gerrit Veldhuijs in Oude Wijcherink te Agelo aan met de vertoning van de koopbrief, dat hij op 15 aug. 1794 van Jan Stegink in Agelo heeft gekocht ca. 3 spind land op het Veldland, gelegen tussen de anden van Muikotte in de Ageleres voor f 63,10,-

Register van naamsaanname van 13 mei 1812 - Nr. 25 Gerrit olde Wiehink, qu'il adopte VELDHUIS pour nom de famille et Gerrit pour prénom, qu'il a 3 fils et 3 filles, savoir Gerrit Jan - agé 30 ans; Hermen Jan - agé 27 ans; Hendricus - agé 23 ans, étant en service; Janna - agé de 25 ans, marié avec Alb. Meijer; Janna - agé de 21 ans; Mina - agé de 19 ans.
Gehuwd voor de kerk op 24-jarige leeftijd op 20-05-1781 te Ootmarsum met Getrudis (Geertruij) Bossink in Oude Snoeiijnk, 26 jaar oud (zie 11). Naamsaanname 13 mei 1812: Voici de meme: nr. 25 GERRIT OLDE WIECHINK, qu'il adopte VELDHUIS pour nom de famille et Gerrit pour prénom et qu'il a 3 fils et 3 filles, savoir: Gerrit Jan agé 30 ans, Hermen Jan, agé 27 ans, Hendricus, agé 23 ans, etant au service, Janna agée de 25 ans, marié avec Alb: Meijer, Janna agée 21 ans, Mina agée 19 ans.

Notarieel Archief, aktenummer 5074, notaris J.A.H. ten Pol, Ootmarsum
Testament van Albert Jan Meijer, landbouwer te Groot Agelo, 19-2-1890 Voor notaris J.A.H. ten Pol te Ootmarsum verschijnt Albert Jan Meijer, landbouwer te Groot Agelo, gemeente Denekamp. Hij benoemt tot zijn erfgenaam van alle roerende en onroerende goederen Gerrit Jan Veldhuis, landbouwer, wonende op het plaatsje Oude Wiechert in Groot Agelo.
Getuigen zijn Gerhardus Burink, landbouwer wonende op het erve Meijer te Groot Agelo en Engelbertus Bodde, dienstknecht te Ootmarsum.
Uit dit huwelijk:
   1.  Gerardus Joannes (Gerrit Jan) Velthuis in Oude Wiegert (zie 48).
   2.  Hermanus Johannes (Herm Jan) Velthuis (zie 12).
   3.  Hermannus Joannes (Hermen Jan) Velthuis in Oude Wiecherink (zie 49).
   4.  Joanna Velthuis in Oude Wiecherink (zie 52).
   5.  Henricus Velthuis in Oude Wieggerink (zie 54).
   6.  Joanna (Janna) Velthuis in Oude Wieggerink (zie 55).
   7.  Hermina (Miena) Velthuis uit Olde Wiegerink (zie 57).

10    Joanna In Oude Wiecherink, gedoopt op 17-03-1761 te Ootmarsum, Groot Agelo, overleden voor 1812.
 
11    Getrudis (Geertruij) Bossink in Oude Snoeiijnk, gedoopt op 19-10-1754 te Ootmarsum, Haarle, dochter van Hermanus Johannes Bossink in Oude Snoeiijnk en Hendrika Lummen, overleden op 10-11-1829 te Groot Agelo op 75-jarige leeftijd, huisnummer 8.
Gehuwd voor de kerk op 26-jarige leeftijd op 20-05-1781 te Ootmarsum met Gerardus Velthuis in Oude Wiecherink, 24 jaar oud (zie 9). Naamsaanname 13 mei 1812: Voici de meme: nr. 25 GERRIT OLDE WIECHINK, qu'il adopte VELDHUIS pour nom de famille et Gerrit pour prénom et qu'il a 3 fils et 3 filles, savoir: Gerrit Jan agé 30 ans, Hermen Jan, agé 27 ans, Hendricus, agé 23 ans, etant au service, Janna agée de 25 ans, marié avec Alb: Meijer, Janna agée 21 ans, Mina agée 19 ans.

Notarieel Archief, aktenummer 5074, notaris J.A.H. ten Pol, Ootmarsum
Testament van Albert Jan Meijer, landbouwer te Groot Agelo, 19-2-1890 Voor notaris J.A.H. ten Pol te Ootmarsum verschijnt Albert Jan Meijer, landbouwer te Groot Agelo, gemeente Denekamp. Hij benoemt tot zijn erfgenaam van alle roerende en onroerende goederen Gerrit Jan Veldhuis, landbouwer, wonende op het plaatsje Oude Wiechert in Groot Agelo.
Getuigen zijn Gerhardus Burink, landbouwer wonende op het erve Meijer te Groot Agelo en Engelbertus Bodde, dienstknecht te Ootmarsum.
Uit dit huwelijk: 7 kinderen.
 
12    Hermanus Johannes (Herm Jan) Velthuis, landbouwer op Oude Wiechert te Groot Agelo, gedoopt op 12-02-1785 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Johanna), overleden op 27-03-1847 te Groot Agelo op 62-jarige leeftijd, huisnummer 9. Vredegerecht Ootmarsum 101 - inv. 8, nr. 15, 21 maart 1834. Acte van bekendheid. Compareren Albertus Nijhuis, 77 jr, Hermannus Bruggink, 65 jr. Gerrit Jan Meijer, 66 jr en Jannes Meenderink, 66 jr. de beide eersten landbouwers te Klein Agelo en de beide laatsten landbouwers te Groot Agelo, ter requisitie van HERMEN JAN VELTHUIS, landbouwer te Groot Agelo. Ze kenden wel zijn grootouders van vaders zijde: Hermen Jan Velthuis en Janna Steggink te Groot Agelo, grootouders van moeders zijde zijn Hermen Jan Bossink en Hendrika Lummen, landbouwers te Haarle.

Notarieel Archief nr. 141 - 7 okt. 1843: Schuldbekentenis/hypotheek t.l.v.Hermen Jan Veldhuis in Oude Wiechertshuis te Groot Agelo.
H.J. Veldhuis erkent schuldig te zijn aan F.K.A. Peitsch, grondeigenaar en rentenier in Almelo en zijn echtgenote C.B.J.J. Stulen, en accepteert een schuld van f 250,00 en dit o.g.v. een schuldvordering uit het jaar 1811 aan de nu wijlen heer G.B. Stulen, uit wiens nalatenschap deze schuld op H.J. Veldhuis is vererfd. Vanaf 1 mei 1844 dient er jaarlijks 4,5 % rente over de som betaald te worden. Onderpand op deze schuldvordering: gemeente Denekamp, Sectie A, nr. 1245, bouwland 13 roeden 30 ellen, nr. 1292, bouwland 27 roeden 50 ellen, nr. 1323, bouwland 15 roeden 70 ellen, 1337, bouwland 14 roeden 80 ellen, 1343, bouwland 21 roeden 90 ellen en onder Sectie B nr. 630, hooiland 44 roeden 30 ellen.
Gehuwd (1) op 42-jarige leeftijd op 13-06-1827 te Denekamp. Bevel tot boedelbeschrijving van de nalatenschap van Lambert KEUPINK en echtgenote Hendrika MAATHUIS, met uitspraak van de kantonrechter, 14 februari 1863. Op 14 februari 1863 's morgens om 10 uur compareerden voor notaris J.A.H. ten Pol: 1. Maria KEUPINK, tapster, wonende te Ootmarsum, weduwe van Gradus HOFSTEE 2. Hendrikus OLDE HOLLINK, fabrieksarbeider te Lonneker, gehuwd met Aleida VELDHUIS 3. Hendrikus KEUPINK, landbouwer te Klein Agelo 4. Euphemia KEUPINK, arbeidster te Ootmarsum, weduwe van Hendrikus HEERINK 5. Aleida HEERINK, zonder beroep te Ootmarsum 6. Gerrit Jan VELDHUIS, wever te Groot Agelo. De beide eerste comparanten eisers en de vier laatste comparanten gedaagden bij het na te noemen vonnis. Zijnde genoemde Maria-, Hendrikus- en Euphemia Keupink en na te noemen wijlen Aleida Keupink, enige kinderen uit het huwelijk van wijlen Lambert Keupink en Hendrika Maathuis, in leven landlieden te Klein Agelo en aldaar ab intestato overleden, genoemde Aleida Veldhuis en Gerrit Jan Veldhuis, enige kinderen van wijlen Harm Jan Veldhuis en Aleida Keupink, in leven landlieden te Groot Agelo en aldaar overleden. Genoemde Aleida Heerink, enig kind geboren uit het huwelijk van genoemde comparante Euphemia Keupink en wijlen haar echtgenoot Hendrikus Heerink. Uit kracht van een vonnis van de arrondissementsrechtbank te Almelo, gewezen op 17 december 1862, bij welk vonnis de ondergetekende notaris is aangewezen als de ambtenaar voor wie een boedelbeschrijving en verdeling van de nalatenschappen van genoemde wijlen echtelieden Lambert Keupink en Hendrika Maathuis op heden een aanvang moet worden gemaakt; en zulks volgens opgave van genoemde comparant Hendrikus Keupink, als bewoner van het sterfhuis van genoemde wijlen echtelieden. Overgaande tot de voorgenoemde boedelbeschrijving zo heeft de comparant Hendrikus Keupink opgegeven en verklaard dat tot die nalatenschappen behoort: Tot de nalatenschap van zijn vader Lambert Keupink hebben behoord enkele roerende goederen, bestaande uit huismeubelen, zaadgewas en bouwgereedschappen en enkele nader op te geven schulden. Dat echter de voornoemde goederen allemaal zijn verbrand omstreeks het jaar 1844, zodat van die nalatenschap wat de baten betreft niets meer overgebleven is. Verder verklaart die comparant dat tot de moederlijke nalatenschap behoren enkele kleren en een bed, welke evenwel niet meer aanwezig zijn, als ook enkele nader op te geven schulden. Hierop verklaarde de eerstgenoemde comparante Maria Keupink: Dat door de comparant Hendrikus Keupink, onder wiens beheer de boedel zich bevindt, een geheel verkeerde opgave werd gedaan, ten aanzien van de roerende goederen; immers was de moeder Hendrika Maathuis, weduwe van Lambert Keupink met haar kinderen in de boedel en huishouding gebleven zonder scheiding en dus in gecontinueerde gemeenschap, die voortduurde ook op het moment toen het huis met alles wat zich daarin bevond, door brand werd verteerd, maar dat toen zeer veel roerende goederen, die niet binnenshuis waren, aanwezig bleven, zoals paard, wagen en bouwgereedschappen, enkele stuks rundvee, gewassen enzovoorts en dat deze alle behoorden tot de ouderlijke boedel. Dat na de brand voor Hendrika Maathuis, weduwe van Lambert Keupink gecollecteerd werd; dat de goede ingezetenen haar met alles verzorgden, zoals hooi, koren, stro en geld, van alles werd volgens de loffelijke gewoonte van de voorvaderen in ruime mate gegeven en dat na deze inzameling de boedel niet armer was dan nu, zegge vroeger. Dat hiermee de huishouding is voortgezet tot het overlijden van de moeder en dat na dit overlijden alles gebleven is onder beheer van de comparant Hendrikus Keupink; dat alles wat er toen was moet worden opgegeven en opgeleverd of verantwoord; dat is de te scheiden of te verdelen gemeenschap, voor zover het de roerende zaken betreft. De comparant Hendrikus Keupink spreekt deze beweringen van de comparante Maria Keupink ten sterkste tegen, op grond van het feit dat reeds lang voor de brand de bouwerij en huishouding hem aangingen, en althans sedert zijn huwelijk, hetwelk heeft plaats gehad omstreeks 1840, wat ook geheel en al in overeenstemming is met de omstandigheid, dat hij eigenaar was van het huis en het land, zodat ook hij het huis voor brandschade verzekerd had, en de vergoeding van de waarborgmaatschappij ontvangen heeft en een nieuw huis heeft gebouwd, en wel op een andere plaats, als waar het afgebrande huis heeft gestaan. Hij verklaart verder dat hij het is, die na de brand heeft aangekocht en verkregen wat later zijn inboedel heeft uitgemaakt en nog uitmaakt en dat zijn bouwerij behoorde en nog behoort wat betreft de bewering van Maria Keupink, dat de moeder na de brand giften zou hebben ontvangen, hierover verklaart de comparant Hendrikus Keupink niet te weten dat er tijdens haar overlijden goederen aanwezig waren, die daarvan afkomstig zouden zijn, behalve wellicht een of ander oud kledingstuk. De comparante Maria Keupink antwoordt op deze laatste bewering dat die niet kan opgaan, als zijnde zowel onwaar als onbewezen; dat om waar te zijn, moet blijken, dat voor het afbranden van de woning een scheiding of verdeling had plaats gehad, wat ten sterkste wordt ontkend en bij de eerste voordracht wordt gepersisteerd. Dat wat betreft de aanmerking van Hendrikus Keupink dat hij niet weet dat de moeder na de brand giften zou hebben ontvangen, die opmerking niets af doet; dat de collecte is geschied voor de moeder, is van algemene bekendheid; uit die giften zijn de roerende goederen vervangen en maakte de gemeenschap uit tijdens het overlijden van de moeder, en dat bij haar overlijden die gebleven is onder beheer van de comparant Hendrikus Keupink. Verder geeft de comparante te kennen, dat aangezien Hendrikus Keupink, onder wiens beheer de boedel is geblevn, ook geen opgaaf heeft gedaan van de onroerende goederen, zij zich reserveert, om de onroerende goederen nader op te geven, als zijnde zij, op het moment niet in staat die behoorlijk te omschrijven, omdat dit door de beheerder had moeten gebeuren. De comparant Hendrikus Keupink verklaart hierop, dat hij ten sterksten ontkent dat tot genoemde nalatenschappen onroerende goederen behoren, en dat hij voor het overige blijft vasthouden aan zijn voorstaande beweringen. En aangezien in de loop van de werkzaamheden van deze voorgenomen en door genoemde rechtbank bevolen boedelbeschrijving, zwarigheden hierin en in voorgenomen verdeling zijn ontstaan, zo zal door ons notaris een afschrift van dit proces verbaal, op verzoek van de comparanten worden overgebracht ter Griffie van de Arrondissementsrechtbank te Almelo. Met al het voorstaande zijn wij notaris bezig geweest tot 's middags ruim 3 uur. Waarvan acte. Aldus gedaan en verleden ten tijde en plaats als in het hoofd en hiervoor staat vermeld, in tegenwoordigheid van onze getuigen Hendrikus van Benthem, Antoniezoon, afslager en Berend Jan Morshuis, kuiper, beiden wonende te Ootmarsum, die met ons notaris en de verschenen personen, met uitzondering van Maria- en Euphemia Keupink, die verklaarden niet te kunnen schrijven, deze minute onmiddellijk na de door ons gedane gehele voorlezing getekend hebben. W.g. H. Olde Hollink, H. Keupink, A. Heerink, G.J. Veldhuis, H. van Benthem, B.J. Morshuis, J.A.H. ten Pol, notaris Echtgenote is Aleida Keupink op Maathuis (zie 13). Notarieel Archief, inventaris 141, 7 oktober 1843 Hypotheek van f 250,- t.l.v. Hermen Jan Veldhuis, landbouwer op het Oude Wiechertshuis in Groot Agelo, dit bedrag al in 1811 ontvangen. Voor notaris G.B. ten Pol te Ootmarsum, in tegenwoordigheid van de nagemelde getuigen is verschenen Hermen Jan VELDHUIS, landbouwer wonende in Oude Wiechertshuis in de buurtschap Groot Agelo, die verklaarde schuldig te zijn aan de Heer en Meester Frans Karel August Peitsch, grondeigenaar en rentenier wonende te Almelo, gehuwd met mevrouw Conradina Bartha Judith Johanna Stulen de som van f 250,- Nederlands Courant en dit vanwege al in het jaar 1811 van nu wijlen de heer emeritus predikant Gerhard Bernard Stulen, in leven wonende te Almelo, uit wiens nalatenschap de schuldvordering door erfenis, deling en aanhuwelijking is vererfd, ter leen opgenomen gelden, vanaf 1 mei 1844 te verrenten tegen 4 ½ %. Te betalen aan handen en ter woonstede van de rentheffer. Tot zekerheid en waarborg voor de terugbetaling van zowel kapitaal als rente heeft de debiteur in onderzetting verbonden zijn nagenoemde landerijen, alle gelegen in de buurtschap Agelo en op de kadastrale legger van de gemeente Denekamp aangevoerd en gemeten op zijn naam: 1. Onder Sectie A nummer 1245, bouwland, groot 13 roeden 30 ellen; nummer 1292, bouwland, groot 27 roeden 50 ellen; nummer 1323, bouwland, groot 15 roeden 70 ellen; nummer 1337, bouwland, groot 14 roeden 80 ellen; nummer 1343, bouwland groot 21 roeden 90 ellen 2. Onder Sectie B nummer 630, hooiland, groot 44 roeden 30 ellen. Waarvan acte. Aldus gedaan en verleden te Ootmarsum ten kantore van ons notaris op 7 oktober 1843 in tegenwoordigheid van Jacobus van Benthem, horlogemaker en Jan Ossenvoort, kleermaker, beiden wonende te Ootmarsum als getuigen en de eerstgemelde schuldeiser, na voorlezing getekend hebben; en heeft de comparant debiteur niet getekend, maar verklaard "des schrijvens onervaren" te zijn. w.g. Mr. F.K.A. Peitsch, J. van Benthem, J. Ossenvoort, G.B. ten Pol, notaris

Notarieel Archief, toegang 0102, inventaris 1698, 28 mei 1869 Verkoop van een huis en erf in de stad Ootmarsum door de familie Keupink
Voor notaris J.A.H. ten Pol, notaris te Ootmarsum verschenen: 1. Hermannus BODDE, metselaar te Ootmarsum, weduwnaar van Maria KEUPINK, en in hoedanigheid van gemachtigde van Hendrikus OUDE HOLLINK, fabrieksarbeider wonende in de gemeente Lonneker, gehuwd met Aleida VELDHUIS, blijkens onderhandse volmacht van 13 maart 1869; 2. Hendrikus KEUPINK, landbouwer te Klein Agelo; 3. Euphemia KEUPINK, zonder beroep wonende te Ootmarsum, weduwe van Hendrikus HEERINK; 4. Gerrit Jan VELDHUIS, landbouwer te Groot Agelo. Genoemde Aleida- en Gerrit Jan VELDHUIS zijn de enige kinderen en erfgenamen van wijlen Herm Jan VELDHUIS en Aleida KEUPINK, en laatstgenoemde een zuster van Hendrikus KEUPINK, Euphemia KEUPINK en wijlen Maria KEUPINK, alle voornoemd. De comparanten verklaren verkocht te hebben aan de medecomparant Jan ter Stege, timmerman te Ootmarsum: een huis en erf, bestaande en gelegen binnen de stad Ootmarsum, tussen de huizen van Petrus van der Maas en Jan Hendrik Heespelink, kadastraal bekend gemeente Ootmarsum Sectie A nummer 823: Huis en erf, groot 2 roeden. De verkopers verklaren dat de ene helft toebehoort aan Hermannus Bodde voornoemd, krachtens de huwelijksgemeenschap en voor de andere helft aan de overige verkopers en lastgever, als erfgenamen van wijlen Maria Keupink, ab intestato en kinderloos overleden en voorts dat gezegde Maria Keupink als weduwe van haar eerste man Gerhardus Fanciscus Hofstee het genoemde huis en erf heeft aangekocht van Meijer Wolf Cantor, bij acte van publieke veiling verleden voor ons notaris op 23 juni 1862. Het verkochte wordt vrij van hypotheek geleverd, maar de kamer, die momenteel gehuurd wordt door Albert Broekhuis, kan pas op 1 november a.s. aanvaard worden en tot welke levering en ontruiming tegen die tijd de verkopers zich uitdrukkelijk en hoofdelijk ten behoeve van de koper verbinden. De verkoop/koopprijs bedraagt f 700,-

Notarieel Archief, inventarisnr. 1733, 29 augustus 1869 Verkoop van hooiland gelegen te Groot Agelo door de erfgenamen uit de beide huwelijken van Herm Jan Veldhuis: a. met Aleida Keupink en b. met Hermina Schoneveld. Voor notaris J.A.H. ten Pol te Ootmarsum zijn gecompareerd: 1. Gerit Jan VELDHUIS, landbouwer te Groot Agelo; 2. Hendrikus OLDE HOLLINK, fabrieksarbeider te Lonneker, in algemene gemeenschap van goederen gehuwd met Aleida VELDHUIS; 3. Geertruida VELDHUIS, dienstmeid te Tilligte, en 4. Albertus VELDHUIS, dienstknecht te Tilligte. De genoemde Gerrit Jan- en Aleida Veldhuis zijn de enige kinderen van wijlen Hermen Jan Veldhuis en Aleida Keupink en Geertruida- en Albertus Veldhuis de enige kinderen uit het huwelijk van genoemde Hermen Jan Veldhuis en Mina Schooneveld, alle drie zonder testament overleden. De comparanten verklaarden verkocht te hebben aan de medecomparant Johannes SMITHUIS (noot: naam in de akte doorgehaald, vervangen door Gerrit Jan Smithuis) landbouwer te Groot Agelo, een perceel hooiland te Groot Agelo onder Sectie B, nummer 630, groot 44 roeden 30 ellen. Verkopers verklaren het verkochte verkregen te hebben uit de nalatenschappen van hun wijlen ouders en schoonouders, zonder daarvan titels van aankomst te bezitten. De koop, verkoop is geschied voor f 150,- die verkopers verklaren van de koper te hebben ontvangen.
Gehuwd (2) op 49-jarige leeftijd op 23-04-1834 te Denekamp met Hermina Schoneveld, 39 jaar oud (zie 14). Notarieel Archief, nr. 1733. Op 29 aug. 1869 verkopen de erfgenamen van Hermen Jan Veldhuis en Aleida Keupink en diens tweede echtgenote Hermina Schoneveld, te weten: Gerrit Jan Veldhuis, landb. te Groot Agelo, Hendrikus Olde Hollink, gehuwd met Aleida Veldhuis, wonende te Lonneker, Geertruida Veldhuis, dienstmeid in Tilligte en Albertus Veldhuis, dienstknecht in Tilligte, aan Gerrit Jan Smithuis, landbouwer te Groot Agelo hun in eigendom toebehorende perceel hooiland te Groot Agelo, sectie B, nr. 630 groot 44 roeden 30 ellen voor f 150,00

Notarieel Archief, nr. 5939 Op 23 april 1895 vindt de inzet en op 30 april 1895 de finale toewijzing van de openbare verkoop plaats op last van de R.K. Diaconie te Ootmarsum van onroerend goed (landerijen) wegens het in gebreke blijven wat betreft de betaling van aflossing en renten van de schuldbekentenis van 11 sept. 1870 ten bedrage van f 730,00 t.b.v. de Diaconie. Eigenaren van de eerste 11 percelen zijn Gerrit Jan Veldhuis, landbouwer te Groot Agelo, Albertus Veldhuis, landbouwer te Reutum, Hendrikus Olde Hollink te Enschede, echtg. van Aleida Veldhuis en Gerhardus Sieerink, landbouwer te Weerselo, weduwnaar van Geertruida Veldhuis, die tot enige erfgenamen bij versterf heeft nagelaten haar beide kinderen Maria- en Johanna Siemerink. Eigenaar van het 12e perceel is Gerrit Jan Veldhuis, hierboven genoemd. De goederen liggen in de gemeente Deneamp, Sectie A, nummers 1245, 1292, 1323, 1337, 1343, Sectie B nummer 909, 1018, 1020, 1100, Sectie C nummer 931 en 980, bouwland, hakhout, heide, weiland en broekgrond, samen groot 1 ha. 80 a 60 ca en onder Sectie B nummers 84 en 890, hooiland, samen groot 45 a 40 ca.
Omschrijving van de percelen, alle te Groot Agelo gelegen:
1e perceel: een perceel bouwland, gelegen in de Ageleres, genaamd "Het Nieuwe Land", Sectie A-1292, groot 27 roeden 50 ellen, grenzende aan de erven Teusse op Braam, Tijthoff, Reest en Jan Hendrik Smithuis. 2e perceel: een dito aldaar, genaamd "Hompenkamp", sectie A-1343, groot 21 a 90 ca grenzende aan de erven Tijthoff en Jan Hendrik Smithuis. 3e perceel: een dito aldaar, genaamd "Het Kleine Veldland", sectie A-1337, groot 14 a 80 ca grenzende an de erven Reest, Tijthoff en Kamphuis. 4e perceel: een dito aldaar genoemd "Het Groote Veldland" secie A-1323, groot 15 a 70 ca grenzende aan Gerrit Jan Smithuis en de Erven Holtwijk, 5e perceel: een dito aldaar gelegen op de Koppel, sectie A-1245, groot 13 a 30 ca grenzende aan Jan Hendrik Smithuis, de Erven Lohuis en Deperink op Lammerink. 6e perceel broekgrond, gelegen in het Groot-Ageler Broek, sectie C-980, weiland en broekgrond, groot 28 a 20 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp en Johannink op Zwiep. 7e perceel: een dito aldaar gelegen in het Elsschot, sectie C-931, weiland en broekgrond, groot 4 a 90 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp en Wigger. 8e perceel: een perceel veldgrond gelegen in het Asbroek, sectie B-1100 weiland en hakhout, groot 5 a 20 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp. 9e perceel: een dito gelegen bij de Holtmate van de Erven Holtwijk, sectie B-1020 heide en hakhout, groot 25 a grenzende aan wegen en Burink op Telgenkamp. 10e perceel: een dito aldaar gelegen sectie B-1018 heide en hakhout groot 5 a 90 ca grenzende aan een weg en Burink op Telgenkamp. 11e perceel: Een dito aldaar Sectie B-909 hakhout en heide, groot 18 a 20 ca grenzende aan wegen, de Erven Reest en Burink op Telgenkamp. 12e perceel: Een perceel hooiland, genaamd "Het Meiken" sectie B-84 en 890, same groot 45 a 40 ca grenzende aan een weg, Hendrik Stevelink en de Erven Reest.
Alle percelen werden ingezet door GERRIT JAN VELDHUIS, hiervoor genoemd, voor een totaalbedrag van f 575,00
Op de toeslag gehouden op 30 april 1895 zijn de percelen afzonderlijk in veiling gebracht, zonder dat daarop een verhoging heeft plaats gevonden. Daarop zijn de 11 eerste percelen samengevoegd in veiling gebracht, zonder dat die combinatie verhoogd is, zodat GERRIT JAN VELDHUIS, HERMEN JANSZOON, landbouwer op het plaatsje Oude Wiechert te Groot Agelo de hoogste bieder is gebleven voor de som van f 575,00. De requirent verklaarde de 11 eerste percelen voor de som van f 305,00 aan genoemde hoogste bieder in koop te gunnen en het 12e perceel aan te houden. Gerrit Jan Veldhuis verklaarde genoemde 11 percelen voor f 305,00 te hebben gekocht en tot medeschuldenaar aan te stellen Lambertus Johannes Keupink, landbouwer op Maathuis te Klein Agelo.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Gerrit Jan Veldhuis in Oude Wiechert (zie 15).
Uit het tweede huwelijk:
   2.  Albertus Velthuis (zie 25).
   3.  Geertrui Velthuis (zie 21).

13    Aleida Keupink op Maathuis, geboren circa 1798 te Groot Agelo, dochter van Lambert Keupink en Hendrika Maathuis, overleden op 24-07-1832 te Groot Agelo, huisnummer 7.
Gehuwd op 13-06-1827 te Denekamp. Bevel tot boedelbeschrijving van de nalatenschap van Lambert KEUPINK en echtgenote Hendrika MAATHUIS, met uitspraak van de kantonrechter, 14 februari 1863. Op 14 februari 1863 's morgens om 10 uur compareerden voor notaris J.A.H. ten Pol: 1. Maria KEUPINK, tapster, wonende te Ootmarsum, weduwe van Gradus HOFSTEE 2. Hendrikus OLDE HOLLINK, fabrieksarbeider te Lonneker, gehuwd met Aleida VELDHUIS 3. Hendrikus KEUPINK, landbouwer te Klein Agelo 4. Euphemia KEUPINK, arbeidster te Ootmarsum, weduwe van Hendrikus HEERINK 5. Aleida HEERINK, zonder beroep te Ootmarsum 6. Gerrit Jan VELDHUIS, wever te Groot Agelo. De beide eerste comparanten eisers en de vier laatste comparanten gedaagden bij het na te noemen vonnis. Zijnde genoemde Maria-, Hendrikus- en Euphemia Keupink en na te noemen wijlen Aleida Keupink, enige kinderen uit het huwelijk van wijlen Lambert Keupink en Hendrika Maathuis, in leven landlieden te Klein Agelo en aldaar ab intestato overleden, genoemde Aleida Veldhuis en Gerrit Jan Veldhuis, enige kinderen van wijlen Harm Jan Veldhuis en Aleida Keupink, in leven landlieden te Groot Agelo en aldaar overleden. Genoemde Aleida Heerink, enig kind geboren uit het huwelijk van genoemde comparante Euphemia Keupink en wijlen haar echtgenoot Hendrikus Heerink. Uit kracht van een vonnis van de arrondissementsrechtbank te Almelo, gewezen op 17 december 1862, bij welk vonnis de ondergetekende notaris is aangewezen als de ambtenaar voor wie een boedelbeschrijving en verdeling van de nalatenschappen van genoemde wijlen echtelieden Lambert Keupink en Hendrika Maathuis op heden een aanvang moet worden gemaakt; en zulks volgens opgave van genoemde comparant Hendrikus Keupink, als bewoner van het sterfhuis van genoemde wijlen echtelieden. Overgaande tot de voorgenoemde boedelbeschrijving zo heeft de comparant Hendrikus Keupink opgegeven en verklaard dat tot die nalatenschappen behoort: Tot de nalatenschap van zijn vader Lambert Keupink hebben behoord enkele roerende goederen, bestaande uit huismeubelen, zaadgewas en bouwgereedschappen en enkele nader op te geven schulden. Dat echter de voornoemde goederen allemaal zijn verbrand omstreeks het jaar 1844, zodat van die nalatenschap wat de baten betreft niets meer overgebleven is. Verder verklaart die comparant dat tot de moederlijke nalatenschap behoren enkele kleren en een bed, welke evenwel niet meer aanwezig zijn, als ook enkele nader op te geven schulden. Hierop verklaarde de eerstgenoemde comparante Maria Keupink: Dat door de comparant Hendrikus Keupink, onder wiens beheer de boedel zich bevindt, een geheel verkeerde opgave werd gedaan, ten aanzien van de roerende goederen; immers was de moeder Hendrika Maathuis, weduwe van Lambert Keupink met haar kinderen in de boedel en huishouding gebleven zonder scheiding en dus in gecontinueerde gemeenschap, die voortduurde ook op het moment toen het huis met alles wat zich daarin bevond, door brand werd verteerd, maar dat toen zeer veel roerende goederen, die niet binnenshuis waren, aanwezig bleven, zoals paard, wagen en bouwgereedschappen, enkele stuks rundvee, gewassen enzovoorts en dat deze alle behoorden tot de ouderlijke boedel. Dat na de brand voor Hendrika Maathuis, weduwe van Lambert Keupink gecollecteerd werd; dat de goede ingezetenen haar met alles verzorgden, zoals hooi, koren, stro en geld, van alles werd volgens de loffelijke gewoonte van de voorvaderen in ruime mate gegeven en dat na deze inzameling de boedel niet armer was dan nu, zegge vroeger. Dat hiermee de huishouding is voortgezet tot het overlijden van de moeder en dat na dit overlijden alles gebleven is onder beheer van de comparant Hendrikus Keupink; dat alles wat er toen was moet worden opgegeven en opgeleverd of verantwoord; dat is de te scheiden of te verdelen gemeenschap, voor zover het de roerende zaken betreft. De comparant Hendrikus Keupink spreekt deze beweringen van de comparante Maria Keupink ten sterkste tegen, op grond van het feit dat reeds lang voor de brand de bouwerij en huishouding hem aangingen, en althans sedert zijn huwelijk, hetwelk heeft plaats gehad omstreeks 1840, wat ook geheel en al in overeenstemming is met de omstandigheid, dat hij eigenaar was van het huis en het land, zodat ook hij het huis voor brandschade verzekerd had, en de vergoeding van de waarborgmaatschappij ontvangen heeft en een nieuw huis heeft gebouwd, en wel op een andere plaats, als waar het afgebrande huis heeft gestaan. Hij verklaart verder dat hij het is, die na de brand heeft aangekocht en verkregen wat later zijn inboedel heeft uitgemaakt en nog uitmaakt en dat zijn bouwerij behoorde en nog behoort wat betreft de bewering van Maria Keupink, dat de moeder na de brand giften zou hebben ontvangen, hierover verklaart de comparant Hendrikus Keupink niet te weten dat er tijdens haar overlijden goederen aanwezig waren, die daarvan afkomstig zouden zijn, behalve wellicht een of ander oud kledingstuk. De comparante Maria Keupink antwoordt op deze laatste bewering dat die niet kan opgaan, als zijnde zowel onwaar als onbewezen; dat om waar te zijn, moet blijken, dat voor het afbranden van de woning een scheiding of verdeling had plaats gehad, wat ten sterkste wordt ontkend en bij de eerste voordracht wordt gepersisteerd. Dat wat betreft de aanmerking van Hendrikus Keupink dat hij niet weet dat de moeder na de brand giften zou hebben ontvangen, die opmerking niets af doet; dat de collecte is geschied voor de moeder, is van algemene bekendheid; uit die giften zijn de roerende goederen vervangen en maakte de gemeenschap uit tijdens het overlijden van de moeder, en dat bij haar overlijden die gebleven is onder beheer van de comparant Hendrikus Keupink. Verder geeft de comparante te kennen, dat aangezien Hendrikus Keupink, onder wiens beheer de boedel is geblevn, ook geen opgaaf heeft gedaan van de onroerende goederen, zij zich reserveert, om de onroerende goederen nader op te geven, als zijnde zij, op het moment niet in staat die behoorlijk te omschrijven, omdat dit door de beheerder had moeten gebeuren. De comparant Hendrikus Keupink verklaart hierop, dat hij ten sterksten ontkent dat tot genoemde nalatenschappen onroerende goederen behoren, en dat hij voor het overige blijft vasthouden aan zijn voorstaande beweringen. En aangezien in de loop van de werkzaamheden van deze voorgenomen en door genoemde rechtbank bevolen boedelbeschrijving, zwarigheden hierin en in voorgenomen verdeling zijn ontstaan, zo zal door ons notaris een afschrift van dit proces verbaal, op verzoek van de comparanten worden overgebracht ter Griffie van de Arrondissementsrechtbank te Almelo. Met al het voorstaande zijn wij notaris bezig geweest tot 's middags ruim 3 uur. Waarvan acte. Aldus gedaan en verleden ten tijde en plaats als in het hoofd en hiervoor staat vermeld, in tegenwoordigheid van onze getuigen Hendrikus van Benthem, Antoniezoon, afslager en Berend Jan Morshuis, kuiper, beiden wonende te Ootmarsum, die met ons notaris en de verschenen personen, met uitzondering van Maria- en Euphemia Keupink, die verklaarden niet te kunnen schrijven, deze minute onmiddellijk na de door ons gedane gehele voorlezing getekend hebben. W.g. H. Olde Hollink, H. Keupink, A. Heerink, G.J. Veldhuis, H. van Benthem, B.J. Morshuis, J.A.H. ten Pol, notaris Echtgenoot is Hermanus Johannes (Herm Jan) Velthuis, 42 jaar oud (zie 12). Notarieel Archief, inventaris 141, 7 oktober 1843 Hypotheek van f 250,- t.l.v. Hermen Jan Veldhuis, landbouwer op het Oude Wiechertshuis in Groot Agelo, dit bedrag al in 1811 ontvangen. Voor notaris G.B. ten Pol te Ootmarsum, in tegenwoordigheid van de nagemelde getuigen is verschenen Hermen Jan VELDHUIS, landbouwer wonende in Oude Wiechertshuis in de buurtschap Groot Agelo, die verklaarde schuldig te zijn aan de Heer en Meester Frans Karel August Peitsch, grondeigenaar en rentenier wonende te Almelo, gehuwd met mevrouw Conradina Bartha Judith Johanna Stulen de som van f 250,- Nederlands Courant en dit vanwege al in het jaar 1811 van nu wijlen de heer emeritus predikant Gerhard Bernard Stulen, in leven wonende te Almelo, uit wiens nalatenschap de schuldvordering door erfenis, deling en aanhuwelijking is vererfd, ter leen opgenomen gelden, vanaf 1 mei 1844 te verrenten tegen 4 ½ %. Te betalen aan handen en ter woonstede van de rentheffer. Tot zekerheid en waarborg voor de terugbetaling van zowel kapitaal als rente heeft de debiteur in onderzetting verbonden zijn nagenoemde landerijen, alle gelegen in de buurtschap Agelo en op de kadastrale legger van de gemeente Denekamp aangevoerd en gemeten op zijn naam: 1. Onder Sectie A nummer 1245, bouwland, groot 13 roeden 30 ellen; nummer 1292, bouwland, groot 27 roeden 50 ellen; nummer 1323, bouwland, groot 15 roeden 70 ellen; nummer 1337, bouwland, groot 14 roeden 80 ellen; nummer 1343, bouwland groot 21 roeden 90 ellen 2. Onder Sectie B nummer 630, hooiland, groot 44 roeden 30 ellen. Waarvan acte. Aldus gedaan en verleden te Ootmarsum ten kantore van ons notaris op 7 oktober 1843 in tegenwoordigheid van Jacobus van Benthem, horlogemaker en Jan Ossenvoort, kleermaker, beiden wonende te Ootmarsum als getuigen en de eerstgemelde schuldeiser, na voorlezing getekend hebben; en heeft de comparant debiteur niet getekend, maar verklaard "des schrijvens onervaren" te zijn. w.g. Mr. F.K.A. Peitsch, J. van Benthem, J. Ossenvoort, G.B. ten Pol, notaris

Notarieel Archief, toegang 0102, inventaris 1698, 28 mei 1869 Verkoop van een huis en erf in de stad Ootmarsum door de familie Keupink
Voor notaris J.A.H. ten Pol, notaris te Ootmarsum verschenen: 1. Hermannus BODDE, metselaar te Ootmarsum, weduwnaar van Maria KEUPINK, en in hoedanigheid van gemachtigde van Hendrikus OUDE HOLLINK, fabrieksarbeider wonende in de gemeente Lonneker, gehuwd met Aleida VELDHUIS, blijkens onderhandse volmacht van 13 maart 1869; 2. Hendrikus KEUPINK, landbouwer te Klein Agelo; 3. Euphemia KEUPINK, zonder beroep wonende te Ootmarsum, weduwe van Hendrikus HEERINK; 4. Gerrit Jan VELDHUIS, landbouwer te Groot Agelo. Genoemde Aleida- en Gerrit Jan VELDHUIS zijn de enige kinderen en erfgenamen van wijlen Herm Jan VELDHUIS en Aleida KEUPINK, en laatstgenoemde een zuster van Hendrikus KEUPINK, Euphemia KEUPINK en wijlen Maria KEUPINK, alle voornoemd. De comparanten verklaren verkocht te hebben aan de medecomparant Jan ter Stege, timmerman te Ootmarsum: een huis en erf, bestaande en gelegen binnen de stad Ootmarsum, tussen de huizen van Petrus van der Maas en Jan Hendrik Heespelink, kadastraal bekend gemeente Ootmarsum Sectie A nummer 823: Huis en erf, groot 2 roeden. De verkopers verklaren dat de ene helft toebehoort aan Hermannus Bodde voornoemd, krachtens de huwelijksgemeenschap en voor de andere helft aan de overige verkopers en lastgever, als erfgenamen van wijlen Maria Keupink, ab intestato en kinderloos overleden en voorts dat gezegde Maria Keupink als weduwe van haar eerste man Gerhardus Fanciscus Hofstee het genoemde huis en erf heeft aangekocht van Meijer Wolf Cantor, bij acte van publieke veiling verleden voor ons notaris op 23 juni 1862. Het verkochte wordt vrij van hypotheek geleverd, maar de kamer, die momenteel gehuurd wordt door Albert Broekhuis, kan pas op 1 november a.s. aanvaard worden en tot welke levering en ontruiming tegen die tijd de verkopers zich uitdrukkelijk en hoofdelijk ten behoeve van de koper verbinden. De verkoop/koopprijs bedraagt f 700,-

Notarieel Archief, inventarisnr. 1733, 29 augustus 1869 Verkoop van hooiland gelegen te Groot Agelo door de erfgenamen uit de beide huwelijken van Herm Jan Veldhuis: a. met Aleida Keupink en b. met Hermina Schoneveld. Voor notaris J.A.H. ten Pol te Ootmarsum zijn gecompareerd: 1. Gerit Jan VELDHUIS, landbouwer te Groot Agelo; 2. Hendrikus OLDE HOLLINK, fabrieksarbeider te Lonneker, in algemene gemeenschap van goederen gehuwd met Aleida VELDHUIS; 3. Geertruida VELDHUIS, dienstmeid te Tilligte, en 4. Albertus VELDHUIS, dienstknecht te Tilligte. De genoemde Gerrit Jan- en Aleida Veldhuis zijn de enige kinderen van wijlen Hermen Jan Veldhuis en Aleida Keupink en Geertruida- en Albertus Veldhuis de enige kinderen uit het huwelijk van genoemde Hermen Jan Veldhuis en Mina Schooneveld, alle drie zonder testament overleden. De comparanten verklaarden verkocht te hebben aan de medecomparant Johannes SMITHUIS (noot: naam in de akte doorgehaald, vervangen door Gerrit Jan Smithuis) landbouwer te Groot Agelo, een perceel hooiland te Groot Agelo onder Sectie B, nummer 630, groot 44 roeden 30 ellen. Verkopers verklaren het verkochte verkregen te hebben uit de nalatenschappen van hun wijlen ouders en schoonouders, zonder daarvan titels van aankomst te bezitten. De koop, verkoop is geschied voor f 150,- die verkopers verklaren van de koper te hebben ontvangen. {Hij is later gehuwd op 49-jarige leeftijd op 23-04-1834 te Denekamp met Hermina Schoneveld, 39 jaar oud (zie 14). Notarieel Archief, nr. 1733. Op 29 aug. 1869 verkopen de erfgenamen van Hermen Jan Veldhuis en Aleida Keupink en diens tweede echtgenote Hermina Schoneveld, te weten: Gerrit Jan Veldhuis, landb. te Groot Agelo, Hendrikus Olde Hollink, gehuwd met Aleida Veldhuis, wonende te Lonneker, Geertruida Veldhuis, dienstmeid in Tilligte en Albertus Veldhuis, dienstknecht in Tilligte, aan Gerrit Jan Smithuis, landbouwer te Groot Agelo hun in eigendom toebehorende perceel hooiland te Groot Agelo, sectie B, nr. 630 groot 44 roeden 30 ellen voor f 150,00

Notarieel Archief, nr. 5939 Op 23 april 1895 vindt de inzet en op 30 april 1895 de finale toewijzing van de openbare verkoop plaats op last van de R.K. Diaconie te Ootmarsum van onroerend goed (landerijen) wegens het in gebreke blijven wat betreft de betaling van aflossing en renten van de schuldbekentenis van 11 sept. 1870 ten bedrage van f 730,00 t.b.v. de Diaconie. Eigenaren van de eerste 11 percelen zijn Gerrit Jan Veldhuis, landbouwer te Groot Agelo, Albertus Veldhuis, landbouwer te Reutum, Hendrikus Olde Hollink te Enschede, echtg. van Aleida Veldhuis en Gerhardus Sieerink, landbouwer te Weerselo, weduwnaar van Geertruida Veldhuis, die tot enige erfgenamen bij versterf heeft nagelaten haar beide kinderen Maria- en Johanna Siemerink. Eigenaar van het 12e perceel is Gerrit Jan Veldhuis, hierboven genoemd. De goederen liggen in de gemeente Deneamp, Sectie A, nummers 1245, 1292, 1323, 1337, 1343, Sectie B nummer 909, 1018, 1020, 1100, Sectie C nummer 931 en 980, bouwland, hakhout, heide, weiland en broekgrond, samen groot 1 ha. 80 a 60 ca en onder Sectie B nummers 84 en 890, hooiland, samen groot 45 a 40 ca.
Omschrijving van de percelen, alle te Groot Agelo gelegen:
1e perceel: een perceel bouwland, gelegen in de Ageleres, genaamd "Het Nieuwe Land", Sectie A-1292, groot 27 roeden 50 ellen, grenzende aan de erven Teusse op Braam, Tijthoff, Reest en Jan Hendrik Smithuis. 2e perceel: een dito aldaar, genaamd "Hompenkamp", sectie A-1343, groot 21 a 90 ca grenzende aan de erven Tijthoff en Jan Hendrik Smithuis. 3e perceel: een dito aldaar, genaamd "Het Kleine Veldland", sectie A-1337, groot 14 a 80 ca grenzende an de erven Reest, Tijthoff en Kamphuis. 4e perceel: een dito aldaar genoemd "Het Groote Veldland" secie A-1323, groot 15 a 70 ca grenzende aan Gerrit Jan Smithuis en de Erven Holtwijk, 5e perceel: een dito aldaar gelegen op de Koppel, sectie A-1245, groot 13 a 30 ca grenzende aan Jan Hendrik Smithuis, de Erven Lohuis en Deperink op Lammerink. 6e perceel broekgrond, gelegen in het Groot-Ageler Broek, sectie C-980, weiland en broekgrond, groot 28 a 20 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp en Johannink op Zwiep. 7e perceel: een dito aldaar gelegen in het Elsschot, sectie C-931, weiland en broekgrond, groot 4 a 90 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp en Wigger. 8e perceel: een perceel veldgrond gelegen in het Asbroek, sectie B-1100 weiland en hakhout, groot 5 a 20 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp. 9e perceel: een dito gelegen bij de Holtmate van de Erven Holtwijk, sectie B-1020 heide en hakhout, groot 25 a grenzende aan wegen en Burink op Telgenkamp. 10e perceel: een dito aldaar gelegen sectie B-1018 heide en hakhout groot 5 a 90 ca grenzende aan een weg en Burink op Telgenkamp. 11e perceel: Een dito aldaar Sectie B-909 hakhout en heide, groot 18 a 20 ca grenzende aan wegen, de Erven Reest en Burink op Telgenkamp. 12e perceel: Een perceel hooiland, genaamd "Het Meiken" sectie B-84 en 890, same groot 45 a 40 ca grenzende aan een weg, Hendrik Stevelink en de Erven Reest.
Alle percelen werden ingezet door GERRIT JAN VELDHUIS, hiervoor genoemd, voor een totaalbedrag van f 575,00
Op de toeslag gehouden op 30 april 1895 zijn de percelen afzonderlijk in veiling gebracht, zonder dat daarop een verhoging heeft plaats gevonden. Daarop zijn de 11 eerste percelen samengevoegd in veiling gebracht, zonder dat die combinatie verhoogd is, zodat GERRIT JAN VELDHUIS, HERMEN JANSZOON, landbouwer op het plaatsje Oude Wiechert te Groot Agelo de hoogste bieder is gebleven voor de som van f 575,00. De requirent verklaarde de 11 eerste percelen voor de som van f 305,00 aan genoemde hoogste bieder in koop te gunnen en het 12e perceel aan te houden. Gerrit Jan Veldhuis verklaarde genoemde 11 percelen voor f 305,00 te hebben gekocht en tot medeschuldenaar aan te stellen Lambertus Johannes Keupink, landbouwer op Maathuis te Klein Agelo.}
Uit dit huwelijk: 1 kind.
 
14    Hermina Schoneveld, geboren op 01-11-1794 te Klein Agelo, dochter van Jannes Schoneveld en Maria Lölf. Vredegerecht Ootmarsum, 101-inv. 8, nr. 16: 21 maart 1834. Acte van bekendheid. Albertus Nijhuis, 77 jr. Hermannus Bruggink, 65 jr. Gerrit Jan Meijer, 66 jr. en Jannes Meenderink, 66 jr. De beide eersten landbouwers te Klein Agelo, de beide laatsten te Groot Agelo. Ter requisitie van HERMINA SCHONEVELD, dienstmeid te Klein Agelo. Zij verklaren dat de grootmoeder van vaders zijde was Geertrui Stevelink, weduwe van Jan Schoneveld, landbouwer te Klein Agelo. Grootmoeder van moederszijde was Hermina Schutte, weduwe van Hermen Lölf, landbouwer te Oud-Ootmarsum.
Gehuwd op 39-jarige leeftijd op 23-04-1834 te Denekamp met Hermanus Johannes (Herm Jan) Velthuis, 49 jaar oud (zie 12). Notarieel Archief, nr. 1733. Op 29 aug. 1869 verkopen de erfgenamen van Hermen Jan Veldhuis en Aleida Keupink en diens tweede echtgenote Hermina Schoneveld, te weten: Gerrit Jan Veldhuis, landb. te Groot Agelo, Hendrikus Olde Hollink, gehuwd met Aleida Veldhuis, wonende te Lonneker, Geertruida Veldhuis, dienstmeid in Tilligte en Albertus Veldhuis, dienstknecht in Tilligte, aan Gerrit Jan Smithuis, landbouwer te Groot Agelo hun in eigendom toebehorende perceel hooiland te Groot Agelo, sectie B, nr. 630 groot 44 roeden 30 ellen voor f 150,00

Notarieel Archief, nr. 5939 Op 23 april 1895 vindt de inzet en op 30 april 1895 de finale toewijzing van de openbare verkoop plaats op last van de R.K. Diaconie te Ootmarsum van onroerend goed (landerijen) wegens het in gebreke blijven wat betreft de betaling van aflossing en renten van de schuldbekentenis van 11 sept. 1870 ten bedrage van f 730,00 t.b.v. de Diaconie. Eigenaren van de eerste 11 percelen zijn Gerrit Jan Veldhuis, landbouwer te Groot Agelo, Albertus Veldhuis, landbouwer te Reutum, Hendrikus Olde Hollink te Enschede, echtg. van Aleida Veldhuis en Gerhardus Sieerink, landbouwer te Weerselo, weduwnaar van Geertruida Veldhuis, die tot enige erfgenamen bij versterf heeft nagelaten haar beide kinderen Maria- en Johanna Siemerink. Eigenaar van het 12e perceel is Gerrit Jan Veldhuis, hierboven genoemd. De goederen liggen in de gemeente Deneamp, Sectie A, nummers 1245, 1292, 1323, 1337, 1343, Sectie B nummer 909, 1018, 1020, 1100, Sectie C nummer 931 en 980, bouwland, hakhout, heide, weiland en broekgrond, samen groot 1 ha. 80 a 60 ca en onder Sectie B nummers 84 en 890, hooiland, samen groot 45 a 40 ca.
Omschrijving van de percelen, alle te Groot Agelo gelegen:
1e perceel: een perceel bouwland, gelegen in de Ageleres, genaamd "Het Nieuwe Land", Sectie A-1292, groot 27 roeden 50 ellen, grenzende aan de erven Teusse op Braam, Tijthoff, Reest en Jan Hendrik Smithuis. 2e perceel: een dito aldaar, genaamd "Hompenkamp", sectie A-1343, groot 21 a 90 ca grenzende aan de erven Tijthoff en Jan Hendrik Smithuis. 3e perceel: een dito aldaar, genaamd "Het Kleine Veldland", sectie A-1337, groot 14 a 80 ca grenzende an de erven Reest, Tijthoff en Kamphuis. 4e perceel: een dito aldaar genoemd "Het Groote Veldland" secie A-1323, groot 15 a 70 ca grenzende aan Gerrit Jan Smithuis en de Erven Holtwijk, 5e perceel: een dito aldaar gelegen op de Koppel, sectie A-1245, groot 13 a 30 ca grenzende aan Jan Hendrik Smithuis, de Erven Lohuis en Deperink op Lammerink. 6e perceel broekgrond, gelegen in het Groot-Ageler Broek, sectie C-980, weiland en broekgrond, groot 28 a 20 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp en Johannink op Zwiep. 7e perceel: een dito aldaar gelegen in het Elsschot, sectie C-931, weiland en broekgrond, groot 4 a 90 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp en Wigger. 8e perceel: een perceel veldgrond gelegen in het Asbroek, sectie B-1100 weiland en hakhout, groot 5 a 20 ca grenzende aan Burink op Telgenkamp. 9e perceel: een dito gelegen bij de Holtmate van de Erven Holtwijk, sectie B-1020 heide en hakhout, groot 25 a grenzende aan wegen en Burink op Telgenkamp. 10e perceel: een dito aldaar gelegen sectie B-1018 heide en hakhout groot 5 a 90 ca grenzende aan een weg en Burink op Telgenkamp. 11e perceel: Een dito aldaar Sectie B-909 hakhout en heide, groot 18 a 20 ca grenzende aan wegen, de Erven Reest en Burink op Telgenkamp. 12e perceel: Een perceel hooiland, genaamd "Het Meiken" sectie B-84 en 890, same groot 45 a 40 ca grenzende aan een weg, Hendrik Stevelink en de Erven Reest.
Alle percelen werden ingezet door GERRIT JAN VELDHUIS, hiervoor genoemd, voor een totaalbedrag van f 575,00
Op de toeslag gehouden op 30 april 1895 zijn de percelen afzonderlijk in veiling gebracht, zonder dat daarop een verhoging heeft plaats gevonden. Daarop zijn de 11 eerste percelen samengevoegd in veiling gebracht, zonder dat die combinatie verhoogd is, zodat GERRIT JAN VELDHUIS, HERMEN JANSZOON, landbouwer op het plaatsje Oude Wiechert te Groot Agelo de hoogste bieder is gebleven voor de som van f 575,00. De requirent verklaarde de 11 eerste percelen voor de som van f 305,00 aan genoemde hoogste bieder in koop te gunnen en het 12e perceel aan te houden. Gerrit Jan Veldhuis verklaarde genoemde 11 percelen voor f 305,00 te hebben gekocht en tot medeschuldenaar aan te stellen Lambertus Johannes Keupink, landbouwer op Maathuis te Klein Agelo. {Hij was eerder gehuwd op 42-jarige leeftijd op 13-06-1827 te Denekamp. Bevel tot boedelbeschrijving van de nalatenschap van Lambert KEUPINK en echtgenote Hendrika MAATHUIS, met uitspraak van de kantonrechter, 14 februari 1863. Op 14 februari 1863 's morgens om 10 uur compareerden voor notaris J.A.H. ten Pol: 1. Maria KEUPINK, tapster, wonende te Ootmarsum, weduwe van Gradus HOFSTEE 2. Hendrikus OLDE HOLLINK, fabrieksarbeider te Lonneker, gehuwd met Aleida VELDHUIS 3. Hendrikus KEUPINK, landbouwer te Klein Agelo 4. Euphemia KEUPINK, arbeidster te Ootmarsum, weduwe van Hendrikus HEERINK 5. Aleida HEERINK, zonder beroep te Ootmarsum 6. Gerrit Jan VELDHUIS, wever te Groot Agelo. De beide eerste comparanten eisers en de vier laatste comparanten gedaagden bij het na te noemen vonnis. Zijnde genoemde Maria-, Hendrikus- en Euphemia Keupink en na te noemen wijlen Aleida Keupink, enige kinderen uit het huwelijk van wijlen Lambert Keupink en Hendrika Maathuis, in leven landlieden te Klein Agelo en aldaar ab intestato overleden, genoemde Aleida Veldhuis en Gerrit Jan Veldhuis, enige kinderen van wijlen Harm Jan Veldhuis en Aleida Keupink, in leven landlieden te Groot Agelo en aldaar overleden. Genoemde Aleida Heerink, enig kind geboren uit het huwelijk van genoemde comparante Euphemia Keupink en wijlen haar echtgenoot Hendrikus Heerink. Uit kracht van een vonnis van de arrondissementsrechtbank te Almelo, gewezen op 17 december 1862, bij welk vonnis de ondergetekende notaris is aangewezen als de ambtenaar voor wie een boedelbeschrijving en verdeling van de nalatenschappen van genoemde wijlen echtelieden Lambert Keupink en Hendrika Maathuis op heden een aanvang moet worden gemaakt; en zulks volgens opgave van genoemde comparant Hendrikus Keupink, als bewoner van het sterfhuis van genoemde wijlen echtelieden. Overgaande tot de voorgenoemde boedelbeschrijving zo heeft de comparant Hendrikus Keupink opgegeven en verklaard dat tot die nalatenschappen behoort: Tot de nalatenschap van zijn vader Lambert Keupink hebben behoord enkele roerende goederen, bestaande uit huismeubelen, zaadgewas en bouwgereedschappen en enkele nader op te geven schulden. Dat echter de voornoemde goederen allemaal zijn verbrand omstreeks het jaar 1844, zodat van die nalatenschap wat de baten betreft niets meer overgebleven is. Verder verklaart die comparant dat tot de moederlijke nalatenschap behoren enkele kleren en een bed, welke evenwel niet meer aanwezig zijn, als ook enkele nader op te geven schulden. Hierop verklaarde de eerstgenoemde comparante Maria Keupink: Dat door de comparant Hendrikus Keupink, onder wiens beheer de boedel zich bevindt, een geheel verkeerde opgave werd gedaan, ten aanzien van de roerende goederen; immers was de moeder Hendrika Maathuis, weduwe van Lambert Keupink met haar kinderen in de boedel en huishouding gebleven zonder scheiding en dus in gecontinueerde gemeenschap, die voortduurde ook op het moment toen het huis met alles wat zich daarin bevond, door brand werd verteerd, maar dat toen zeer veel roerende goederen, die niet binnenshuis waren, aanwezig bleven, zoals paard, wagen en bouwgereedschappen, enkele stuks rundvee, gewassen enzovoorts en dat deze alle behoorden tot de ouderlijke boedel. Dat na de brand voor Hendrika Maathuis, weduwe van Lambert Keupink gecollecteerd werd; dat de goede ingezetenen haar met alles verzorgden, zoals hooi, koren, stro en geld, van alles werd volgens de loffelijke gewoonte van de voorvaderen in ruime mate gegeven en dat na deze inzameling de boedel niet armer was dan nu, zegge vroeger. Dat hiermee de huishouding is voortgezet tot het overlijden van de moeder en dat na dit overlijden alles gebleven is onder beheer van de comparant Hendrikus Keupink; dat alles wat er toen was moet worden opgegeven en opgeleverd of verantwoord; dat is de te scheiden of te verdelen gemeenschap, voor zover het de roerende zaken betreft. De comparant Hendrikus Keupink spreekt deze beweringen van de comparante Maria Keupink ten sterkste tegen, op grond van het feit dat reeds lang voor de brand de bouwerij en huishouding hem aangingen, en althans sedert zijn huwelijk, hetwelk heeft plaats gehad omstreeks 1840, wat ook geheel en al in overeenstemming is met de omstandigheid, dat hij eigenaar was van het huis en het land, zodat ook hij het huis voor brandschade verzekerd had, en de vergoeding van de waarborgmaatschappij ontvangen heeft en een nieuw huis heeft gebouwd, en wel op een andere plaats, als waar het afgebrande huis heeft gestaan. Hij verklaart verder dat hij het is, die na de brand heeft aangekocht en verkregen wat later zijn inboedel heeft uitgemaakt en nog uitmaakt en dat zijn bouwerij behoorde en nog behoort wat betreft de bewering van Maria Keupink, dat de moeder na de brand giften zou hebben ontvangen, hierover verklaart de comparant Hendrikus Keupink niet te weten dat er tijdens haar overlijden goederen aanwezig waren, die daarvan afkomstig zouden zijn, behalve wellicht een of ander oud kledingstuk. De comparante Maria Keupink antwoordt op deze laatste bewering dat die niet kan opgaan, als zijnde zowel onwaar als onbewezen; dat om waar te zijn, moet blijken, dat voor het afbranden van de woning een scheiding of verdeling had plaats gehad, wat ten sterkste wordt ontkend en bij de eerste voordracht wordt gepersisteerd. Dat wat betreft de aanmerking van Hendrikus Keupink dat hij niet weet dat de moeder na de brand giften zou hebben ontvangen, die opmerking niets af doet; dat de collecte is geschied voor de moeder, is van algemene bekendheid; uit die giften zijn de roerende goederen vervangen en maakte de gemeenschap uit tijdens het overlijden van de moeder, en dat bij haar overlijden die gebleven is onder beheer van de comparant Hendrikus Keupink. Verder geeft de comparante te kennen, dat aangezien Hendrikus Keupink, onder wiens beheer de boedel is geblevn, ook geen opgaaf heeft gedaan van de onroerende goederen, zij zich reserveert, om de onroerende goederen nader op te geven, als zijnde zij, op het moment niet in staat die behoorlijk te omschrijven, omdat dit door de beheerder had moeten gebeuren. De comparant Hendrikus Keupink verklaart hierop, dat hij ten sterksten ontkent dat tot genoemde nalatenschappen onroerende goederen behoren, en dat hij voor het overige blijft vasthouden aan zijn voorstaande beweringen. En aangezien in de loop van de werkzaamheden van deze voorgenomen en door genoemde rechtbank bevolen boedelbeschrijving, zwarigheden hierin en in voorgenomen verdeling zijn ontstaan, zo zal door ons notaris een afschrift van dit proces verbaal, op verzoek van de comparanten worden overgebracht ter Griffie van de Arrondissementsrechtbank te Almelo. Met al het voorstaande zijn wij notaris bezig geweest tot 's middags ruim 3 uur. Waarvan acte. Aldus gedaan en verleden ten tijde en plaats als in het hoofd en hiervoor staat vermeld, in tegenwoordigheid van onze getuigen Hendrikus van Benthem, Antoniezoon, afslager en Berend Jan Morshuis, kuiper, beiden wonende te Ootmarsum, die met ons notaris en de verschenen personen, met uitzondering van Maria- en Euphemia Keupink, die verklaarden niet te kunnen schrijven, deze minute onmiddellijk na de door ons gedane gehele voorlezing getekend hebben. W.g. H. Olde Hollink, H. Keupink, A. Heerink, G.J. Veldhuis, H. van Benthem, B.J. Morshuis, J.A.H. ten Pol, notaris Echtgenote is Aleida Keupink op Maathuis (zie 13). Notarieel Archief, inventaris 141, 7 oktober 1843 Hypotheek van f 250,- t.l.v. Hermen Jan Veldhuis, landbouwer op het Oude Wiechertshuis in Groot Agelo, dit bedrag al in 1811 ontvangen. Voor notaris G.B. ten Pol te Ootmarsum, in tegenwoordigheid van de nagemelde getuigen is verschenen Hermen Jan VELDHUIS, landbouwer wonende in Oude Wiechertshuis in de buurtschap Groot Agelo, die verklaarde schuldig te zijn aan de Heer en Meester Frans Karel August Peitsch, grondeigenaar en rentenier wonende te Almelo, gehuwd met mevrouw Conradina Bartha Judith Johanna Stulen de som van f 250,- Nederlands Courant en dit vanwege al in het jaar 1811 van nu wijlen de heer emeritus predikant Gerhard Bernard Stulen, in leven wonende te Almelo, uit wiens nalatenschap de schuldvordering door erfenis, deling en aanhuwelijking is vererfd, ter leen opgenomen gelden, vanaf 1 mei 1844 te verrenten tegen 4 ½ %. Te betalen aan handen en ter woonstede van de rentheffer. Tot zekerheid en waarborg voor de terugbetaling van zowel kapitaal als rente heeft de debiteur in onderzetting verbonden zijn nagenoemde landerijen, alle gelegen in de buurtschap Agelo en op de kadastrale legger van de gemeente Denekamp aangevoerd en gemeten op zijn naam: 1. Onder Sectie A nummer 1245, bouwland, groot 13 roeden 30 ellen; nummer 1292, bouwland, groot 27 roeden 50 ellen; nummer 1323, bouwland, groot 15 roeden 70 ellen; nummer 1337, bouwland, groot 14 roeden 80 ellen; nummer 1343, bouwland groot 21 roeden 90 ellen 2. Onder Sectie B nummer 630, hooiland, groot 44 roeden 30 ellen. Waarvan acte. Aldus gedaan en verleden te Ootmarsum ten kantore van ons notaris op 7 oktober 1843 in tegenwoordigheid van Jacobus van Benthem, horlogemaker en Jan Ossenvoort, kleermaker, beiden wonende te Ootmarsum als getuigen en de eerstgemelde schuldeiser, na voorlezing getekend hebben; en heeft de comparant debiteur niet getekend, maar verklaard "des schrijvens onervaren" te zijn. w.g. Mr. F.K.A. Peitsch, J. van Benthem, J. Ossenvoort, G.B. ten Pol, notaris

Notarieel Archief, toegang 0102, inventaris 1698, 28 mei 1869 Verkoop van een huis en erf in de stad Ootmarsum door de familie Keupink
Voor notaris J.A.H. ten Pol, notaris te Ootmarsum verschenen: 1. Hermannus BODDE, metselaar te Ootmarsum, weduwnaar van Maria KEUPINK, en in hoedanigheid van gemachtigde van Hendrikus OUDE HOLLINK, fabrieksarbeider wonende in de gemeente Lonneker, gehuwd met Aleida VELDHUIS, blijkens onderhandse volmacht van 13 maart 1869; 2. Hendrikus KEUPINK, landbouwer te Klein Agelo; 3. Euphemia KEUPINK, zonder beroep wonende te Ootmarsum, weduwe van Hendrikus HEERINK; 4. Gerrit Jan VELDHUIS, landbouwer te Groot Agelo. Genoemde Aleida- en Gerrit Jan VELDHUIS zijn de enige kinderen en erfgenamen van wijlen Herm Jan VELDHUIS en Aleida KEUPINK, en laatstgenoemde een zuster van Hendrikus KEUPINK, Euphemia KEUPINK en wijlen Maria KEUPINK, alle voornoemd. De comparanten verklaren verkocht te hebben aan de medecomparant Jan ter Stege, timmerman te Ootmarsum: een huis en erf, bestaande en gelegen binnen de stad Ootmarsum, tussen de huizen van Petrus van der Maas en Jan Hendrik Heespelink, kadastraal bekend gemeente Ootmarsum Sectie A nummer 823: Huis en erf, groot 2 roeden. De verkopers verklaren dat de ene helft toebehoort aan Hermannus Bodde voornoemd, krachtens de huwelijksgemeenschap en voor de andere helft aan de overige verkopers en lastgever, als erfgenamen van wijlen Maria Keupink, ab intestato en kinderloos overleden en voorts dat gezegde Maria Keupink als weduwe van haar eerste man Gerhardus Fanciscus Hofstee het genoemde huis en erf heeft aangekocht van Meijer Wolf Cantor, bij acte van publieke veiling verleden voor ons notaris op 23 juni 1862. Het verkochte wordt vrij van hypotheek geleverd, maar de kamer, die momenteel gehuurd wordt door Albert Broekhuis, kan pas op 1 november a.s. aanvaard worden en tot welke levering en ontruiming tegen die tijd de verkopers zich uitdrukkelijk en hoofdelijk ten behoeve van de koper verbinden. De verkoop/koopprijs bedraagt f 700,-

Notarieel Archief, inventarisnr. 1733, 29 augustus 1869 Verkoop van hooiland gelegen te Groot Agelo door de erfgenamen uit de beide huwelijken van Herm Jan Veldhuis: a. met Aleida Keupink en b. met Hermina Schoneveld. Voor notaris J.A.H. ten Pol te Ootmarsum zijn gecompareerd: 1. Gerit Jan VELDHUIS, landbouwer te Groot Agelo; 2. Hendrikus OLDE HOLLINK, fabrieksarbeider te Lonneker, in algemene gemeenschap van goederen gehuwd met Aleida VELDHUIS; 3. Geertruida VELDHUIS, dienstmeid te Tilligte, en 4. Albertus VELDHUIS, dienstknecht te Tilligte. De genoemde Gerrit Jan- en Aleida Veldhuis zijn de enige kinderen van wijlen Hermen Jan Veldhuis en Aleida Keupink en Geertruida- en Albertus Veldhuis de enige kinderen uit het huwelijk van genoemde Hermen Jan Veldhuis en Mina Schooneveld, alle drie zonder testament overleden. De comparanten verklaarden verkocht te hebben aan de medecomparant Johannes SMITHUIS (noot: naam in de akte doorgehaald, vervangen door Gerrit Jan Smithuis) landbouwer te Groot Agelo, een perceel hooiland te Groot Agelo onder Sectie B, nummer 630, groot 44 roeden 30 ellen. Verkopers verklaren het verkochte verkregen te hebben uit de nalatenschappen van hun wijlen ouders en schoonouders, zonder daarvan titels van aankomst te bezitten. De koop, verkoop is geschied voor f 150,- die verkopers verklaren van de koper te hebben ontvangen.}
Uit dit huwelijk: 2 kinderen.
 
15    Gerrit Jan Veldhuis in Oude Wiechert, wever en landbouwer, geboren op 03-05-1830 te Groot Agelo, overleden op 12-01-1916 te Groot Agelo op 85-jarige leeftijd. Inwonend Gesina Kempers, zus van Aleida, geb. 8 mrt. 1827 te Weerselo en dienstbodes waaronder Gezina Kip, geb. 17 nov. 1883 te Weerselo. Testament op 24 nov. 1899 t.g.v. nicht van Hendrika Kip: Gesina Kip.

Notarieel Archief, inventarisnr. 5939, 23 april 1895 Openbare veiling, inzet en verkoop van 12 percelen grond t.l.v. de familie Veldhuis te Groot Agelo door de R.K. Diaconie te Ootmarsum. Koper is Gerrit Jan Veldhuis op Oude Wiechert te Groot Agelo. Op 23 april 1895 's morgens om 11 uur ten huize van molenaar Voorhuis te Ootmarsum, compareerden voor ons notaris J.A.H. ten Pol te Oomarsum: 1. Gerhardus Wiegink, landbouwer te Klein Agelo, waarnemend president; 2. Everhardus Gerhardus Bloemen, koopman te Ootmarsum, secretaris-penningmeester; 3. Johannes Grimberg, bakker te Ootmarsum, diaken; 4. Bernardus Johannes van der Maas, schoenmaker te Ootmarsum, diaken; Samen het Rooms-Katholiek Diaconie of Armbestuur en als zodanig die instelling vertegenwoordigende. Welke comparanten verklaarden dat de hierna omschreven en bij deze te veilen onroerende goederen in eigendom toebehoren als volgt: 1. De 11 eerste percelen aan: a. Gerrit Jan VELDHUIS, landbouwer te Groot Agelo b. Albertus VELDHUIS, vroeger dienstknecht te Oud-Ootmarsum, thans landbouwer te Reutum. c. Hendrikus OLDE HOLLINK, vroeger te Lonneker, thans fabrieksarbeider te Enschede, gehuwd met Aleida VELDHUIS, en d. Gerhardus SIEMERINK, landbouwer te Weerselo, weduwnaar van Geertruida VELDHUIS die tot enige erfgenamen bij versterf heeft nagelaten haar beide kinderen Maria- en Johanna SIEMERINK 2. Het 12e perceel aan Gerrit Jan VELDHUIS, sub a genoemd. Dat de onroerende goederen afkomstig zijn uit de nalatenschap van wijlen Hermen Jan VELDHUIS, die zonder huwelijksvoorwaarden was gehuwd met eerst Aleida KEUPINK en daarna met Mina SCHONEVELD en dat daarin gerechtigd zijn de sub a genoemde, geboren uit het eerste huwelijk en de sub b genoemde, geboren uit het tweede huwelijk, als erfgenamen bij versterf van hun vader, ieder voor 1/4e deel, de sub c. genoemde en diens echtgenote, geboren uit het eerste huwelijk en medeërfgenaam van haar vader, samen voor 1/4e deel en de sub d genoemde krachtens huwelijksgemeenschap voor 1/8e deel en Maria en Johanna Siemerink als erfgenamen van hun moeder geboren uit het tweede huwelijk en medeërfgenaam van haar vader samen voor 1/8e deel. Dat de te verkopen onroerende goederen in eerste hypotheek zijn verbonden door Gerrit Jan- en Albertus Veldhuis, Hendrikus Olde Hollink en Gerhardus Siemerink, allen genoemd, voor een som van f 730,- t.b.v. genoemde R.K. Diaconie blijkens acte van schuldbekentenis met hypotheek van 11 september 1870, waarbij werd bedongen, dat wanneer genoemd kapitaal en renten niet op tijd worden betaald, de schuldeiser gemachtigd is de verbonden goederen in het openbaar te verkopen. Omdat de familie in gebreke bleef wat betreft de betaling van aflossing en renten volgt nu de openbare verkoop. De verbonden goederen liggen in de gemeente Denekamp onder Sectie A nummers 1245, 1292, 1323, 1337, 1343, Sectie B nummers 909, 1018, 1020, 1100 en Sectie C nummers 931 en 980, bouwland, hakhout, heide, weiland en broekgrond, samen groot 1 ha 80 a 60 ca en onder Sectie B nummers 84 en 890, hooiland, samen groot 45 a. 40 ca.
Omschrijving van de percelen alle gelegen te Groot Agelo, als volgt: 1e perceel. Een perceel bouwland geleggen in de Ageleres, genaamd "Het Nieuwe Land", Sectie A nummer 1292, groot 27 roeden 50 ellen, grenzende aan de Erven Teusse op Braam, Tijthoff, Reest en Jan Hendrik Smithuis, zijnde met gemelde maat bedoeld de vierkante maat. 2e perceel. Een dito aldaar, genaamd "Hompenkamp", Sectie A nummer 1343, groot 21 a 90 ca, grenzende aan de Erven Tijthoff en Jan Hendrik Smithuis 3e perceel. Een dito aldaar genaamd "Het Kleine Veldland", Sectie A nummer 1337, groot 14 a 80 ca, grenzende aan de Erven Reest, Tijthoff en Kamphuis 4e perceel. Een dito aldaar, genaamd "Het Groote Veldland", Sectie A nummer 1323, groot 15 a 70 ca, grenzende aan Gerrit Jan Smithuis en de Erven Holtwijk 5e perceel. Een dito aldaar, gelegen op de Koppel, Sectie A nummer 1245, groot 13 a 30 ca grenzende aan Jan Hendrik Smithuis, de Erven Lohuis en Deperink op Lammerink 6e perceel. Een perceel broekgrond, gelegen in het Groot-Agelerbroek, Sectie C nummer 980, weiland en broekgrond, groot 28 a 20 ca, grenzende aan Burink op Telgenkamp en Johannink op Zwiep 7e perceel. Een dito aldaar, gelegen in het Elsschot, Sectie C nummer 931, weiland en broekgrond, groot 4 a 90 ca, grenzende aan Burink op Telgenkamp en Wigger 8e perceel. Een perceel veldgrond, gelegen in het Asbroek, Sectie B nummer 1100, weiland en hakhout, groot 5 a 20 ca, grenzende aan Burink op Telgenkamp 9e perceel. Een dito, gelegen bij de Holtmate van de Eren Holtwijk, Sectie B nummer 1020, heide en hakhout, groot 25 a, grenzende aan wegen en aan Burink op Telgenkamp 10e perceel. Een dito aldaar gelegen, Sectie B nummer 1018, heide en hakhout, groot 5 a 90 ca, grenzende aan een weg en Burink op Telgenkamp 11e perceel. Een dito aldaar gelegen, Sectie B nummer 909, hakhout en heide, groot 18 a 20 ca, grenzende aan wegen, de Erven Reest en Burink op Telgenkamp 12e perceel. Een perceel hooiland, genaamd "Het Meiken", Sectie B nummer 84 en 890, samen groot 45 a 40 ca, grenzende aan een weg, Hendrik Stevelink en de Erven Reest. Na voorlezing van het voorgenoemde zijn wij overgegaan tot de inzet van de hiervoor omschreven onroerende goederen als volgt:
1e perceel ingezet door Gerrit Jan Veldhuis, landbouwer te Groot Agelo voornoemd op f 95,-; 2e perceel ingezet door dezelfde op f 55,-; 3e perceel ingezet door dezelfde op f 35,-; 4e perceel ingezet door dezelfde op f 40,-; 5e perceel ingezet door dezelfde op f 35,-; 6e perceel ingezet door dezelfde op f 10,-; 7e perceel ingezet door dezelfde op f 5,-; 8e perceel ingezet door dezelfde op f 5,-; 9e perceel ingezet door dezelfde op f 10,-; 10e perceel ingezet door dezelfde op f 5,-; 11e perceel ingezet door dezelfde op f 10,-; 12e perceel ingezet door dezelfde op f 270,-
Hiermee is deze inzet afgelopen en hebben wij notaris aan de vergaderde personen bekend gemaakt dat de finale toewijzing van de gemelde percelen zal plaats inden op 30 april a.s.
Toeslag 30 april 1895
Alle genoemde percelen zijn afzonderlijk in veiling gebracht, zonder dat daarop een verhoging is gevolgd. Hierop zijn de 11 eerste percelen samengevoegd in veiling gebracht, zonder dat die combinatie verhoogd is, zodat Gerrit Jan VELDHUIS, Hermen Janszoon, landbouwer op het plaatsje Oude Wiechert te Groot Agelo, de hoogste bieder is geblevene van de percelen 1 t/m 11 voor f 305,- en het 12e perceel voor f 270,-. En is ten deze mede verschenen Gerit Jan Veldhuis, Hermen Janszoon, landbouwer te Groot Agelo, die verklaarde de eerste 11 percelen voor f 305,- te hebben gekocht voor zichzelf en tot medeschuldenaar te stellen Lambertus Johannes Keupink, landbouwer op Maathuis te Klein Agelo. En is deze minuut onmiddellijk na voorlezing door de requirant lasthebber, de verschenen personen, ons notaris en de getuigen ondertekend.
w.g. J.M. Tenniglo, G.J. Veldhuis, L.J. Keupink, A. Voorhuis, A. Wilderink, J.A.H. ten Pol, notaris.
Gehuwd op 29-jarige leeftijd op 30-01-1860 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Aleida Kempers, 25 jaar oud (zie 16).
 
16    Aleida Kempers, geboren op 07-09-1834 te gem. Weerselo, dochter van Hermannus Kempers en Janna Nijboer, overleden op 08-12-1886 te Groot Agelo op 52-jarige leeftijd, huisnummer 21.
Gehuwd op 25-jarige leeftijd op 30-01-1860 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Gerrit Jan Veldhuis in Oude Wiechert, 29 jaar oud (zie 15).
 
17    Hendrika Kip, geboren circa 1849 te gemeente Weerselo, dochter van Gerardus Kip en Geertrui Wolbers, overleden op 20-12-1916 te Groot Agelo, huisnummer 18. Ze maakte een testament t.g.v. haar nicht Gesina Kip.
 
18    Jannes Snijders, landbouwer in de Nijstad/Weerselo, geboren circa 1866 te gemeente Weerselo, overleden op 21-08-1912 te Nijstad/Weerselo.
Gehuwd op 17-07-1896 te Weerselo met Johanna Siemerink (zie 19).
Uit dit huwelijk:
   1.  Geertruida Johanna Snijders (zie 124).
   2.  Johanna Maria Snijders (zie 32).
   3.  Geziena Maria Snijders (zie 126).

19    Johanna Siemerink, geboren circa 1875 te Rossum, overleden op 09-03-1930 te Nijstad/Weerselo.
Gehuwd op 17-07-1896 te Weerselo met Jannes Snijders (zie 18).
Uit dit huwelijk: 3 kinderen.
 
20    Johannes Gerhardus Siemerink, landbouwer te Weerselo, geboren circa 1825 te gemeente Losser, zoon van Jan Hendrik Siemerink en Joanna Lesker, Lesscher, overleden op 04-08-1909 te Rossum, weduwnaar van Fenne Weustman, met haar was hij op 9 juli 1857 te Weerselo getrouwd.
Gehuwd op 08-02-1870 te Weerselo met Geertrui Velthuis, 32 jaar oud (zie 21).
Uit dit huwelijk:
   1.  Maria Siemerink (zie 30).
   2.  Johanna Siemerink (zie 19).

21    Geertrui Velthuis, geboren op 05-03-1837 te Groot Agelo, geboren in Oude Wiechert, overleden op 01-10-1886 te Rossum op 49-jarige leeftijd.
Gehuwd op 32-jarige leeftijd op 08-02-1870 te Weerselo met Johannes Gerhardus Siemerink (zie 20).
Uit dit huwelijk: 2 kinderen.
 
22    Hermen Jan Olde Hollink, geboren op 30-09-1862 te Lonneker, Eschmarke, overleden op 07-11-1862 te Lonneker, Eschmarke, 38 dagen oud.
 
23    Johanna Olde Hollink, geboren op 15-10-1863 te Lonneker, Eschmarke, overleden op 24-11-1863 te Lonneker, Eschmarke, 40 dagen oud.
 
24    Aleida Olde Hollink, geboren ..-12-1864 te Lonneker, Eschmarke, overleden op 28-01-1865 te Lonneker, Eschmarke.
 
25    Albertus Velthuis, landbouwer in op Oude Velink te Reutum, geboren op 05-03-1835 te Reutum, overleden op 02-01-1906 te Reutum op 70-jarige leeftijd, huisnummer K 16.
Gehuwd op 37-jarige leeftijd op 05-04-1872 te Tubbergen, zie ook de genealogie van de familie Bossink met Gezina Steggink, 42 jaar oud (zie 26).
Uit dit huwelijk:
   1.  Johanna Velthuis (zie 28).

26    Gezina Steggink, geboren op 21-03-1830 te Reutum, geboren op Oude Velink te Reutum, dochter van Albertus Steggink en Aleida Bossink, overleden op 05-04-1895 te Reutum op 65-jarige leeftijd, overleden op Oude Velink.
Gehuwd op 42-jarige leeftijd op 05-04-1872 te Tubbergen, zie ook de genealogie van de familie Bossink met Albertus Velthuis, 37 jaar oud (zie 25).
Uit dit huwelijk: 1 kind.
 
27    Bernardus Wolbers, landbouwer op Oude Velink in Reutum, geboren op 04-05-1870 te Fleringen, zoon van Hermannus Johannes Wolbers en Catharina Aleida Flinkers, overleden op 15-07-1935 te Reutum op 65-jarige leeftijd, hij trouwt in bij zijn echtgenote, het enige kind van Albertus Velthuis en Gezina Steggink. Hertrouwt 22 januari 1903 te Tubbergen met Susanna Braakhuis (Oalbersboer) geboren 15 november 1872, dochter van Gerrit Jan Braakhuis en Gezina Droste. Uit dat huwelijk worden 9 kinderen geboren, hier verder niet besproken.
Gehuwd op 25-jarige leeftijd op 12-06-1895 te Tubbergen met Johanna Velthuis, 21 jaar oud (zie 28).
 
28    Johanna Velthuis, geboren op 12-04-1874 te Reutum, geboren in Oude Velink te Reutum, K 16, later Holsmanweg 5, overleden op 02-05-1902 te Reutum op 28-jarige leeftijd.
Gehuwd op 21-jarige leeftijd op 12-06-1895 te Tubbergen met Bernardus Wolbers, 25 jaar oud (zie 27).
 
29    Gerardus Haarhuis, landbouwer te Weerselo, geboren circa 1865 te Tubbergen, zoon van Hendrikus Haarhuis en Aleida Masselink, overleden op 07-06-1954 te Weerselo, hertrouwt 40 jaar oud op 10 mei 1907 te Weerselo met de 30-jarige
Johanna Rikmanspoel, geboren circa 1876 te gemeente Tubbergen, dochter van Jannes Rikmanspoel en Geertruida Flinker.
Gehuwd op 29-05-1903 te Weerselo met Maria Siemerink (zie 30).
Uit dit huwelijk:
   1.  Hendrikus Johannes Haarhuis (zie 121).
   2.  Geertruida Aleida Haarhuis (zie 122).
   3.  Johanna Maria Haarhuis (zie 123).

30    Maria Siemerink, geboren circa 1871 te Rossum, overleden op 02-01-1906 te Rossum, overleden in het kraambed een dag na de geboorte van het derde kind.
Gehuwd op 29-05-1903 te Weerselo met Gerardus Haarhuis (zie 29).
Uit dit huwelijk: 3 kinderen.
 
31    Bernardus Joseph Kaptein, 1929: arbeider, geboren circa 1901 te Weerselo, zoon van Johannes Kaptein en Geertruida Nijmeijer.
Gehuwd op 20-11-1929 te Weerselo met Johanna Maria Snijders (zie 32).
 
32    Johanna Maria Snijders, geboren circa 1903 te Weerselo, overleden op 08-02-1941 te Oldenzaal.
Gehuwd op 20-11-1929 te Weerselo met Bernardus Joseph Kaptein (zie 31).
 
33    Joannes In Olde Holtwijck, gedoopt op 14-12-1681 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Lambert).
 
34    Gesina (Geese) Velthuis in Olde Holtwijk, gedoopt circa 1690 te Ootmarsum, Groot Agelo, overleden na 1764 te Groot Agelo. Ze beschikt bij testament op 30 augustus 1764 t.g.v. neven en nichten.
Rechterlijk Archief Richterambt Ootmarsum, inv. nr. 17 Ik Antoni Joan Perizonius wegens hoger Overigheid Ver(walter) Rigter van Ootmarssum certificere kragt deses dat voor mij en keurnoten Gerrit Moekate en Gerrit Heupinck gecompareerd is Geese Veldhuijs, wonende in Oude Holtwijck te Agelo, geassisteert met oud Burgem(eeste)r Hen. Stokkers, zijnde siek van lighaem, dog voor so verre ons gebleek gesond van verstand en verklaarde niet geerne uyt dese wereld te willen scheijden sonder vooraf over hare tijdlijke goederen, haer van God verleend te hebben gedisponeerd, weshalven sij na alvorens haer siele in de handen van God haren Schepper en haar lighaem tot een eerlijken begravinge aanbevolen te hebben, sulks dede in maniere als volgd. En dan tot hare dispositie komende verklaerde sij tot haer enige en universele Erfgenamen te institueren haer neven en Nigten Hermen Jan Veldhuijs in Oude Wicherink en dese sijn broeder Gerrit Veldhuijs, mitsgaders Fenne en Geertruijd Veldhuijs getrouwd aan Nijeboers huijs en aan Jan Egberts, beide in de Nijstad, legaterende en praelegaterende an Ale Maathuis, en haar suster getroud an Jan Heupink in de Blomink, mitsgaders an Hermen Jan Maathuijs te samen een rok en een borstrock en een Ducaat in gelde. Waarmede sij dese haare uiterste wille sluijtende, begeerde sij dat deselve na haren dode omni meliori modo effect mogte sorteren en nageleeft worden, het sij als een testament codicille, gifte ter sake des doods, onder de levendigen ofte so en als andersints mogte kunnen bestaan, ten welken einde sij verklaerde dese vrij onbedwongen en sonder inductie van iemant te hebben opgerigt. In oirconde der waarheid hebbe ik Verw(alter) Rigter voorn(oem)t dese getekent, en gezegeld, en is dese mede door de mombaer van haar Testatrice vermits sij niet kond schrijven, of ook zegel gebruikte op haar versoek getekend en gezegeld. Actum den dertigsten augusti 1700 vier en sestig (getek(end) en gezeg(eld) A. Perizonius Verw(alter) Rigter Hend. Stockers, waarschijnlijk ongehuwd gebleven.
 
35    Adelheidem (Ale) In Olde Holtwijck, gedoopt op 01-03-1694 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Swenne Holtwijck).
Ondertrouwd op 14-04-1715 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 21-jarige leeftijd op 28-04-1715, aanname: Jan Heupink, j.m. met Aelken Wicherinck, j.d. beide in Tilligte Echtgenoot is Jan Heupink in de Blominck (zie 36).
 
36    Jan Heupink in de Blominck, landbouwer te Tilligte, geboren circa 1690 te Ootmarsum, Tilligte.
Ondertrouwd op 14-04-1715 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 28-04-1715, aanname: Jan Heupink, j.m. met Aelken Wicherinck, j.d. beide in Tilligte Echtgenote is Adelheidem (Ale) In Olde Holtwijck, 21 jaar oud (zie 35).
 
37    Gertrudem (Geertken) Ex Olde Holtwijck, gedoopt op 09-09-1716 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Jenne int Olde Busch (doorgehaald) Swenne Holtwijk), ze erft van haar tante Geese Veldhuijs, testament 1764.
Ondertrouwd op 23-09-1747 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 31-jarige leeftijd op 08-10-1747 te Oldenzaal met Jan Egberts (zie 38).
 
38    Jan Egberts, landbouwer in de Nijstad, Weerselo, gedoopt circa 1712 te Weerselo, Nijstad.
Ondertrouwd op 23-09-1747 te Ootmarsum, gehuwd voor de kerk op 08-10-1747 te Oldenzaal met Gertrudem (Geertken) Ex Olde Holtwijck, 31 jaar oud (zie 37).
 
39    Jenneken Uit Olde Holtwick, gedoopt op 20-01-1724 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Geertje Olde Bramink), overleden voor 1764 te Groot Agelo, overlijden aanname, ze wordt niet in het testament van haar tante genoemd.
 
40    Euphemia (Fenne) Uit Olde Holtwijck (Oude Wiecherink), gedoopt op 24-10-1730 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Jenne Moekotte). In de overlijdensakte van haar dochter Elisabeth wordt ze Fenne Oude Wiecherink genoemd, zij erft van haar tante Geese Veldhuijs, testament 1764.
Ondertrouwd op 30-12-1758 te Ootmarsum, gehuwd op 28-jarige leeftijd op 07-01-1759 te Oldenzaal met Gerrit Nieuwboer, Nijboer, Niboer (zie 41).
Uit dit huwelijk:
   1.  Gertrudis Nieboer (zie 43).
   2.  Gerrit Jan Nieboer (zie 44).
   3.  Gerrit Jan Nieboer (zie 45).
   4.  Elisabeth (Lisebeth) Nieboer, Nijeboer (zie 46).

41    Gerrit Nieuwboer, Nijboer, Niboer, landbouwer in de Nijstad, Weerselo, gedoopt circa 1725 te Weerselo, Nijstad.
Ondertrouwd op 30-12-1758 te Ootmarsum, gehuwd op 07-01-1759 te Oldenzaal met Euphemia (Fenne) Uit Olde Holtwijck (Oude Wiecherink), 28 jaar oud (zie 40).
Uit dit huwelijk: 4 kinderen.
 
42    Gerhardus int Olde Holtwijck, gedoopt op 12-03-1735 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): de jonge Holtwijckster), hij erft van zijn tante Geese Veldhuijs, testament 1764.
 
43    Gertrudis Nieboer, gedoopt op 20-11-1759 te statie Rossum, Lemselo/Nijstad (getuige(n): Gese Velthuis en Jan Nieboer).
 
44    Gerrit Jan Nieboer, gedoopt op 22-04-1762 te statie Rossum, Lemselo/Nijstad (getuige(n): Gerrit Holdwik uit Agelo en Fenne Meijers uit Nijstad), overleden voor 1764 te Nijstad.
 
45    Gerrit Jan Nieboer, gedoopt op 22-10-1764 te statie Rossum, Lemselo/Nijstad (getuige(n): Fenne Meijers en Gerrit Holtwik).
 
46    Elisabeth (Lisebeth) Nieboer, Nijeboer, gedoopt op 31-03-1769 te statie Rossum, Lemselo/Nijstad (getuige(n): Hindrick Meijer uit de Nijstad en Susanna Koops uit de Nijstad), overleden op 18-07-1827 te Weerselo, Nijstad op 58-jarige leeftijd. Huisnummer 74. Het overlijden wordt aangegeven door schoonzoon Hermannus Kemperhuis, landbouwer, 46 jaar oud. In de overlijdensakte wordt haar moeder Fenne Oude Wiecherink genoemd. Extract uit het register van naamsaanneming van 1812: Compareerde voor mij Daniël Seriverius, burgemeester der gemeente Weerselo Elisabeth ten Oever, boerwerkster te Weerselo, dewelke verklaarde dat haar wijlen vader de naam heeft gevoerd van Gerrit Jan ten Oever op 't Nieuwboer en ook van Jan Nijeboer, doch thans voor zich tot vaste geslachtsnaam aanneemt die van Ten Oever; en is deze door ons getekend, verklarende de comparante niet te kunnen schrijven. W.g. D. Seriverius.
Ondertrouwd op 23-01-1796 te Oldenzaal, gehuwd voor de kerk op 26-jarige leeftijd op 07-02-1796 te Weerselo (getuige(n): Martinus Touwmakers en Susanna Kluppels, zij trouwen op dezelfde dag waarbij Gerrit Jan en Elisabeth getuigen zijn) met Gerardus Joannes (Gerrit Jan, Jan) Ten Hove, Ten Over, Ten Oever, 42 jaar oud (zie 47).
Uit dit huwelijk:
   1.  Joanna Ten Over op Nieboer (zie 59).
   2.  Euphemia Ten Over (Op 't Nieuwboer) (zie 61).
   3.  Joannes Ten Over (Op Nieuwboershuis) (zie 63).
   4.  Getrudis (Geertrui) Ten Oever (Op 't Nieuwboer) (zie 64).
   5.  Joannes Ten Oever (Op Nieuwboershuis) (zie 66).
   6.  Hendrica Ten Over (zie 67).
   7.  Henrica Ten Over (Nieuwboer doorgehaald) (zie 68).

47    Gerardus Joannes (Gerrit Jan, Jan) Ten Hove, Ten Over, Ten Oever, landbouwer na huwelijk op Nijboer, Nijeboer Nieboer in de Nijstad, Weerselo, gedoopt op 23-06-1753 te Rossum, Nijstad (getuige(n): Gerardus ter Holtwijck), zoon van Joannes ten Over, Ten Oever en Joanna Holtwijk, overleden op 14-10-1817 te Weerselo, Nijstad op 64-jarige leeftijd, naam in de overlijdensacte: Gerrit Jan Nijeboer.
Ondertrouwd op 23-01-1796 te Oldenzaal, gehuwd voor de kerk op 42-jarige leeftijd op 07-02-1796 te Weerselo (getuige(n): Martinus Touwmakers en Susanna Kluppels, zij trouwen op dezelfde dag waarbij Gerrit Jan en Elisabeth getuigen zijn) met Elisabeth (Lisebeth) Nieboer, Nijeboer, 26 jaar oud (zie 46).
Uit dit huwelijk: 7 kinderen.
 
48    Gerardus Joannes (Gerrit Jan) Velthuis in Oude Wiegert, landbouwer op Oude Wiechert te Groot Agelo, gedoopt op 25-03-1782 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Johanna in Oude Snoijink), overleden op 12-07-1876 te Groot Agelo op 94-jarige leeftijd, huisnummer 10, ongehuwd.
 
49    Hermannus Joannes (Hermen Jan) Velthuis in Oude Wiecherink, landbouwer te Groot Agelo, gedoopt op 12-02-1785 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Joanna), overleden op 27-03-1847 te Groot Agelo op 62-jarige leeftijd, huisnummer 9.
Gehuwd (1) op 42-jarige leeftijd op 13-06-1827 te Denekamp met Aleida Keupink op Maathuis, 27 jaar oud (zie 50).
Gehuwd (2) op 49-jarige leeftijd op 23-04-1834 te Denekamp met Hermina Schoneveld, 39 jaar oud (zie 51).
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Gerrit Jan Veldhuis (zie 70).
   2.  Aleida Velthuis (zie 73).

50    Aleida Keupink op Maathuis, gedoopt op 09-06-1800 te Ootmarsum (getuige(n): Joannes Koopink en Joanna Maathuis), overleden op 24-07-1832 te Groot Agelo op 32-jarige leeftijd, huisnummer 7.
Gehuwd op 27-jarige leeftijd op 13-06-1827 te Denekamp met Hermannus Joannes (Hermen Jan) Velthuis in Oude Wiecherink, 42 jaar oud (zie 49). {Hij is later gehuwd op 49-jarige leeftijd op 23-04-1834 te Denekamp met Hermina Schoneveld, 39 jaar oud (zie 51).}
Uit dit huwelijk: 2 kinderen.
 
51    Hermina Schoneveld, gedoopt op 01-11-1794 te Ootmarsum, Klein Agelo (getuige(n): Maria Lölf), dochter van Joannes Schoneveld, Jannes, landbouwer te Klein Agelo en Maria Lölf, Loelf, overleden op 13-07-1846 te Groot Agelo op 51-jarige leeftijd.
Gehuwd op 39-jarige leeftijd op 23-04-1834 te Denekamp met Hermannus Joannes (Hermen Jan) Velthuis in Oude Wiecherink, 49 jaar oud (zie 49). {Hij was eerder gehuwd op 42-jarige leeftijd op 13-06-1827 te Denekamp met Aleida Keupink op Maathuis, 27 jaar oud (zie 50).}
 
52    Joanna Velthuis in Oude Wiecherink, gedoopt op 28-05-1787 te Ootmarsum, Groot Agelo, overleden op 07-09-1845 te Groot Agelo op 58-jarige leeftijd.
Gehuwd op 24-jarige leeftijd op 30-01-1812 te Ootmarsum met Albertus Meijer, Meijers, 38 jaar oud (zie 53).
Uit dit huwelijk:
   1.  Albert, Albert Jan Meijer (zie 80).
   2.  Gerhardus (Gradus) Meijer (Meijers) (zie 81).
   3.  levenloos kind Meijer (zie 83).
   4.  Hermannus Meijer (zie 84).
   5.  Hermannus Meijer (zie 85).
   6.  Zuzanna Meijer (zie 87).

53    Albertus Meijer, Meijers, landbouwer te Groot Agelo, gedoopt op 30-01-1774 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Gesina Meijers), natuurlijke zoon van Joanna Meijers in Agelo. De overlijdensacte van Janna Meijer, de moeder van Albertus, ongehuwde dochter van Harmen Meijer en Fenne Bulters, geboren en overleden te Groot Agelo, huisnummer 11a. Ze is overleden 27 juni 1826 op 87-jarige leeftijd, dus geboren circa 1739

Kantongerecht Ootmarsum, toegangsnr. 117, nr. 7, 4 september 1845, nr. 66 Voogdbenoeming. Voor J.K. van Ferney, rechter te Ootmarsum compareert Albert Meijer, landbouwer te Groot Agelo, te kennen gevende dat zijn moeder Johanna Veldhuis, weduwe van Albert Meijer, landbouwer te Groot Agelo, als moeder voogdes van Susanna Meijer, 21 jaar, maar wegens ziekte afwezig, volgens de wet een toeziende voogd moet laten benoemen. Hiertoe zijn opgeroepen: Gerhardus Meijer en Hermannus Meijer, beiden volle broers en Gerrit ter Braak, neef van vaders zijde, allen landbouwers te Groot Agelo. Gekozen en benoemd wordt Gerrit ter Braak, overleden op 27-02-1845 te Groot Agelo op 71-jarige leeftijd, huisnummer 17.
Gehuwd op 38-jarige leeftijd op 30-01-1812 te Ootmarsum met Joanna Velthuis in Oude Wiecherink, 24 jaar oud (zie 52).
Uit dit huwelijk: 6 kinderen.
 
54    Henricus Velthuis in Oude Wieggerink, 1812: dient in het leger (opmerking in de naamsaanname 1812), gedoopt op 17-03-1789 te Ootmarsum, Groot Agelo.
 
55    Joanna (Janna) Velthuis in Oude Wieggerink, gedoopt op 01-03-1791 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Esselius Bossink in Oude Snoeyink en Joanna in Oude Wiecherink), overleden op 27-03-1830 te Groot Agelo op 39-jarige leeftijd, overleden in het kraambed bij de geboorte van het tweede kind.
Gehuwd op 36-jarige leeftijd op 13-06-1827 te Denekamp. Voor hun nakomelingen zie de genealogie van de familie Bossink met Albertus Bossink, 30 jaar oud (zie 56).
 
56    Albertus Bossink, landbouwer te Groot Agelo, gedoopt op 22-04-1797 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Joannes uit Oude Deeperink uit Geesteren), overleden op 30-09-1879 te Groot Agelo op 82-jarige leeftijd.
Gehuwd op 30-jarige leeftijd op 13-06-1827 te Denekamp. Voor hun nakomelingen zie de genealogie van de familie Bossink met Joanna (Janna) Velthuis in Oude Wieggerink, 36 jaar oud (zie 55).
 
57    Hermina (Miena) Velthuis uit Olde Wiegerink, gedoopt op 25-04-1793 te Ootmarsum, Groot Agelo (getuige(n): Wilhelmus in Olde Braamink en Joanna Wessenagel).
Gehuwd op 21-jarige leeftijd op 07-01-1815 te Tubbergen. Het is een kinderloos huwelijk met Hendrikus Hakenhuis nu Luttikhuis, 32 jaar oud (zie 58).
 
58    Hendrikus Hakenhuis nu Luttikhuis, 1815: landbouwersknecht te Haarle, gedoopt op 14-10-1782 te Tubbergen, geboren buurtschap Tubbergen, zoon van zoon van Harmen Oude Hakenhuis nu Luttikhuis en Hermina van Langen. (Hij heeft een tweelingzus Dina), overleden op 09-05-1849 te Reutum op 66-jarige leeftijd.
Gehuwd op 32-jarige leeftijd op 07-01-1815 te Tubbergen. Het is een kinderloos huwelijk met Hermina (Miena) Velthuis uit Olde Wiegerink, 21 jaar oud (zie 57).
 
59    Joanna Ten Over op Nieboer, spinster, gedoopt op 10-04-1797 te Weerselo, Nijstad (getuige(n): Joannes Nieuwboer en Alyda Beldts), overleden op 30-12-1860 te Weerselo, Rossum op 63-jarige leeftijd. In de overlijdensacte wordt haar genoemd als Janna ten Over en de naam van haar echtgenoot is dan Hermannus Kempers.
Gehuwd op 20-jarige leeftijd op 07-04-1818 te Weerselo, uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Hermannus Goossens (In Kempershuis, Kemper), 36 jaar oud (zie 60).
Uit dit huwelijk:
   1.  Gesina Kemper (zie 88).

60    Hermannus Goossens (In Kempershuis, Kemper), landbouwer, gedoopt op 15-03-1782 te Rossum, zoon van Hendrik Goossens in Kempershuis en Jenne Kemper, overleden op 15-07-1854 te Rossum op 72-jarige leeftijd. Zijn lotnummer 1320 had hem vrijgesteld van militaire dienst.
Gehuwd op 36-jarige leeftijd op 07-04-1818 te Weerselo, uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Joanna Ten Over op Nieboer, 20 jaar oud (zie 59).
Uit dit huwelijk: 1 kind.
 
61    Euphemia Ten Over (Op 't Nieuwboer), 1828: boerwerkster, gedoopt op 05-11-1798 te Weerselo, Nijstad (getuige(n): Martinus ten Over en Getrudis Jogems).
Gehuwd op 29-jarige leeftijd op 24-04-1828 te Weerselo met Johannes Henricus Jan Hendrik Hofstee, 27 jaar oud (zie 62).
Uit dit huwelijk:
   1.  Aleida Hofstede (zie 89).
   2.  Gerardus Hofste (zie 90).

62    Johannes Henricus Jan Hendrik Hofstee, landbouwer, gedoopt op 12-09-1800 te Rossum (getuige(n): Harmannus Capetein en Aleida Olde Lammerink), geboren in de buurtschap Rossum, zoon van Johannes Hofstee en Aleida Lammerink, overleden op 31-05-1845 te Rossum op 44-jarige leeftijd. Zijn lotnummer 25 verplichtte hem niet tot de militaire dienst.
Gehuwd op 27-jarige leeftijd op 24-04-1828 te Weerselo met Euphemia Ten Over (Op 't Nieuwboer), 29 jaar oud (zie 61).
Uit dit huwelijk: 2 kinderen.
 
63    Joannes Ten Over (Op Nieuwboershuis), gedoopt op 19-04-1800 te Weerselo, Nijstad (getuige(n): Hendrik Bels en Euphemia Mijers).
 
64    Getrudis (Geertrui) Ten Oever (Op 't Nieuwboer), gedoopt op 08-10-1802 te Weerselo, Nijstad (getuige(n): Jan Letteboer en Joanna ten Oever), overleden op 27-07-1835 te Gammelke op 32-jarige leeftijd.
Gehuwd op 23-jarige leeftijd op 27-04-1826 te Weerselo, haar naam in de trouwacte: Geertruid ten Oever op 't Nieuwboer met Albertus (Albert) Rorink (Olde Hollink), 26 jaar oud (zie 65).
Uit dit huwelijk:
   1.  Janna Rorink (zie 91).
   2.  Jannes Oude Hollink (zie 92).
   3.  Aleida Oude Hollink (zie 93).

65    Albertus (Albert) Rorink (Olde Hollink), landbouwer te Gammelke, gedoopt op 03-08-1799 te Deurningen (getuige(n): zoon van Everhardus Rorink en Johanna Olde Venterink). Zijn lotnummer had hem vrijgesteld van militaire dienst. Opmerking bij het signalement bij merkbare tekenen: een snede door de bovenlip.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 27-04-1826 te Weerselo, haar naam in de trouwacte: Geertruid ten Oever op 't Nieuwboer met Getrudis (Geertrui) Ten Oever (Op 't Nieuwboer), 23 jaar oud (zie 64).
Uit dit huwelijk: 3 kinderen.
 
66    Joannes Ten Oever (Op Nieuwboershuis), gedoopt op 23-06-1805 te Weerselo, Nijstad (getuige(n): Lambertus Letten en Gesina Nieuwboer (doorgehaald) Ten Oever).
 
67    Hendrica Ten Over, gedoopt op 18-03-1807 te Weerselo, Nijstad (getuige(n): Lambertus Joannes Letten en Gesina ten Over), overleden voor 1809 te Weerselo, Nijstad.
 
68    Henrica Ten Over (Nieuwboer doorgehaald), gedoopt op 15-05-1809 te Weerselo, Nijstad (getuige(n): Joannes Kuper en Gesina Nieuboer), overleden op 10-10-1853 te Weerselo, Nijstad op 44-jarige leeftijd.
Gehuwd op 24-jarige leeftijd op 18-05-1833 te Weerselo, naam Henrica in de trouwakte: Henrica Ten Oever Nijboer met Jannes Rosens, 34 jaar oud (zie 69).
 
69    Jannes Rosens, landbouwer in de Nijstad, Weerselo, gedoopt op 02-03-1799 te Weerselo, zoon van Bernardus Rosens, landbouwer en Joanna Olde Heerink, landbouwster. Hij heeft 5 jaar gediend bij de Nationale Militie, afdeling Kanonniers Gehuwd op 34-jarige leeftijd op 18-05-1833 te Weerselo, naam Henrica in de trouwakte: Henrica Ten Oever Nijboer met Henrica Ten Over (Nieuwboer doorgehaald), 24 jaar oud (zie 68).
 
70    Gerrit Jan Veldhuis, wever, geboren op 03-05-1830 te Groot Agelo, overleden op 12-01-1916 te Groot Agelo op 85-jarige leeftijd. Huisnummer 18.
Gehuwd (1) op 29-jarige leeftijd op 30-01-1860 te Denekamp. Notitie in de huwelijksacte: moeder bruidegom heet ook Aleida Keupink. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Aleida Kempers, 25 jaar oud (zie 71).
Gehuwd (2) op 56-jarige leeftijd op 18-04-1887 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Hendrika Kip, 38 jaar oud (zie 72).
 
71    Aleida Kempers, 1860: dienstmeid, geboren op 07-09-1834 te Weerselo, Nijstad, dochter van Hermannus Kempers (overleden 15 juli 1854) en Janna Nijboer, overleden op 08-12-1886 te Groot Agelo op 52-jarige leeftijd.
Gehuwd op 25-jarige leeftijd op 30-01-1860 te Denekamp. Notitie in de huwelijksacte: moeder bruidegom heet ook Aleida Keupink. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Gerrit Jan Veldhuis, 29 jaar oud (zie 70). {Hij is later gehuwd op 56-jarige leeftijd op 18-04-1887 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Hendrika Kip, 38 jaar oud (zie 72).}
 
72    Hendrika Kip, geboren op 17-02-1849 te gemeente Weerselo, dochter van Gerardus Kip en Geertrui Wolbert, overleden op 20-12-1916 te Groot Agelo op 67-jarige leeftijd.
Gehuwd op 38-jarige leeftijd op 18-04-1887 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Gerrit Jan Veldhuis, 56 jaar oud (zie 70). {Hij was eerder gehuwd op 29-jarige leeftijd op 30-01-1860 te Denekamp. Notitie in de huwelijksacte: moeder bruidegom heet ook Aleida Keupink. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Aleida Kempers, 25 jaar oud (zie 71).}
 
73    Aleida Velthuis, geboren op 21-03-1832 te Groot Agelo, overleden op 18-11-1911 te Enschede op 79-jarige leeftijd.
Gehuwd op 29-jarige leeftijd op 26-09-1861 te Lonneker met Hendrikus Olde Hollink, 32 jaar oud (zie 74).
Uit dit huwelijk:
   1.  Hermen Jan Olde Hollink (zie 22).
   2.  Johanna Olde Hollink (zie 23).
   3.  Aleida Olde Hollink (zie 24).
   4.  Mina Olde Hollink (zie 75).
   5.  Johanna Hendrika Olde Hollink (zie 77).
   6.  Euphemia Jacoba Olde Hollink (zie 79).

74    Hendrikus Olde Hollink, 1857, 1861: fabrieksarbeider, wonende te Eschmarke, gemeente Lonneker, geboren op 16-11-1828 te gemeente Lonneker, zoon van Gerrit Jan Olde Hollink, Hollink, wever en Berendina Bergerink, Ten Berge, Bergink, overleden op 24-01-1915 te Enschede op 86-jarige leeftijd, weduwnaar van Johanna Wijtkamp met wie hij op 29 mei 1857 te Lonneker was gehuwd.
Gehuwd op 32-jarige leeftijd op 26-09-1861 te Lonneker met Aleida Velthuis, 29 jaar oud (zie 73).
Uit dit huwelijk: 6 kinderen.
 
75    Mina Olde Hollink, geboren op 13-06-1866 te Lonneker, Eschmarke, overleden op 13-10-1936 te Enschede op 70-jarige leeftijd.
Gehuwd op 23-jarige leeftijd op 15-08-1889 te Enschede met Albertus Brinkhuis, 26 jaar oud (zie 76).
Uit dit huwelijk:
   1.  Berendina Aleida Brinkhuis (zie 106).
   2.  Hendrikus Albertus Brinkhuis (zie 107).
   3.  Hendrika Albertha Brinkhuis (zie 108).
   4.  Albertus Hendrikus Brinkhuis (zie 110).
   5.  Hendrikus Johannes Brinkhuis (zie 112).
   6.  levenloos kind Brinkhuis (zie 114).
   7.  Johannes Arnoldus Brinkhuis (zie 115).
   8.  Gerhardus Lambertus Brinkhuis (zie 117).
   9.  Aleida Johanna Stephana Brinkhuis (zie 119).
   10.  Mina Maria Brinkhuis (zie 120).

76    Albertus Brinkhuis, 1882: fabrieksarbeider, geboren op 20-08-1862 te gemeente Lonneker, zoon van Albertus Brinkhuis, tuinman en Berendina Punte, overleden op 27-09-1946 te Enschede op 84-jarige leeftijd.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 15-08-1889 te Enschede met Mina Olde Hollink, 23 jaar oud (zie 75).
Uit dit huwelijk: 10 kinderen.
 
77    Johanna Hendrika Olde Hollink, geboren op 26-02-1868 te Lonneker, Eschmarke, overleden op 15-08-1933 te Enschede op 65-jarige leeftijd.
Gehuwd op 49-jarige leeftijd op 26-04-1917 te Enschede. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Johannes Segerink, 45 jaar oud (zie 78).
 
78    Johannes Segerink, 1917: voerman, geboren op 10-01-1872 te gemeente Denekamp, overleden op 05-07-1946 te Enschede op 74-jarige leeftijd, weduwnaar van Maria Henderika van der Most.
Gehuwd op 45-jarige leeftijd op 26-04-1917 te Enschede. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Johanna Hendrika Olde Hollink, 49 jaar oud (zie 77).
 
79    Euphemia Jacoba Olde Hollink, geboren op 25-07-1869 te Lonneker, Eschmarke, overleden op 07-09-1869 te Lonneker, Eschmarke, 44 dagen oud.
 
80    Albert, Albert Jan Meijer, landbouwer en calicotwever te Groot Agelo, geboren op 20-02-1813 te Groot Agelo, overleden op 22-10-1863 te Groot Agelo op 50-jarige leeftijd, huisnummer 26. Overleden ten huize van zijn broer Gerhardus Meijer op Luuks te Groot Agelo, ongehuwd.
 
81    Gerhardus (Gradus) Meijer (Meijers), landbouwer op Luuks aan de Nijenkampsweg te Groot Agelo, geboren op 16-07-1815 te Groot Agelo, overleden op 03-09-1891 te Groot Agelo op 76-jarige leeftijd, huisnummer 30.
Gehuwd op 33-jarige leeftijd op 14-11-1848 te Denekamp. Notarieel Archief nr. 3250 - 4775. 25 maart 1888 Boedelscheiding bestaan hebbende tussen Gerardus Meijer, Albertuszoon, weduwnaar van Gesina Veldscholten en Maria Meijer, overleden. Overige familieleden: Albertus Hermanus Meijer, landbouwer te Groot Agelo, Gerhardus Johannes Meijer, landbouwer te Groot Agelo, Lambertus Hendrikus Meijer, timmerman te Groot Agelo, Bernardus Burink echtgenoot van Johanna Gezina Meijer en Gerhardus ten Brink, echtgenoot van Susanna Meijer, landbouwer op het plaatsje Kienhuis te Tilligte. Gesina Veldscholten is overleden 9 februari 1878, Maria Meijer is overleden 25 december 1879. Actief: het boerenplaatsje "Loeks" te Groot Agelo, Sectie B, nummers 1134, 1128, 142, 738, 1387, 117, 721, 722, 906, 1031, 1089, 1234, 1121, 1147, 143, 683, 684, 1481, 720, 1146, 1639. Sectie A, nummers 1302 en 1312. Sectie C nummers 955, 1511 en 1722. Alles samen 10 ha 62 a 75 ca met Gesina Veldscholten, 19 jaar oud (zie 82).
Uit dit huwelijk:
   1.  Albertus Hermannus Meijer (zie 95).
   2.  Albertus Hendrikus Meijer (zie 97).
   3.  Johanna Gezina Meijer (zie 98).
   4.  Johannes Meijer (zie 101).
   5.  Zuzanna Maria (San) Meijer (Susanna Maria) (zie 102).
   6.  Maria Gezina Meijer (zie 104).
   7.  Maria Berendina Meijer (zie 105).

82    Gesina Veldscholten, geboren op 11-09-1829 te Oud-Ootmarsum, dochter van Lucas Veldscholten en Janna Ottink Overleden op 09-02-1878 te Groot Agelo op 48-jarige leeftijd.
Gehuwd op 19-jarige leeftijd op 14-11-1848 te Denekamp. Notarieel Archief nr. 3250 - 4775. 25 maart 1888 Boedelscheiding bestaan hebbende tussen Gerardus Meijer, Albertuszoon, weduwnaar van Gesina Veldscholten en Maria Meijer, overleden. Overige familieleden: Albertus Hermanus Meijer, landbouwer te Groot Agelo, Gerhardus Johannes Meijer, landbouwer te Groot Agelo, Lambertus Hendrikus Meijer, timmerman te Groot Agelo, Bernardus Burink echtgenoot van Johanna Gezina Meijer en Gerhardus ten Brink, echtgenoot van Susanna Meijer, landbouwer op het plaatsje Kienhuis te Tilligte. Gesina Veldscholten is overleden 9 februari 1878, Maria Meijer is overleden 25 december 1879. Actief: het boerenplaatsje "Loeks" te Groot Agelo, Sectie B, nummers 1134, 1128, 142, 738, 1387, 117, 721, 722, 906, 1031, 1089, 1234, 1121, 1147, 143, 683, 684, 1481, 720, 1146, 1639. Sectie A, nummers 1302 en 1312. Sectie C nummers 955, 1511 en 1722. Alles samen 10 ha 62 a 75 ca met Gerhardus (Gradus) Meijer (Meijers), 33 jaar oud (zie 81).
Uit dit huwelijk: 7 kinderen.
 
83    levenloos kind Meijer, geboren op 02-08-1818 te Groot Agelo, huisnummer 11.
 
84    Hermannus Meijer, geboren op 05-06-1819 te Groot Agelo, overleden op 17-06-1819 te Groot Agelo, 12 dagen oud. Memorie van successie.
 
85    Hermannus Meijer, landbouwer te Langeveen, geboren op 26-05-1820 te Groot Agelo, overleden op 11-04-1910 te Langeveen op 89-jarige leeftijd. Hij is betrokken bij een mishandeling, samen met J. Meenderink (30 november 1845) Gehuwd op 30-jarige leeftijd op 24-10-1850 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Aleida Meijer, 26 jaar oud (zie 86).
Uit dit huwelijk:
   1.  Euphemia Johanna Meijer (zie 127).
   2.  Albertus Johannes Meijer (zie 129).
   3.  Susanna Meijer (zie 131).
   4.  Jan Hendrik Hermanus Meijer (zie 133).
   5.  Anna Maria Meijer (zie 135).

86    Aleida Meijer, geboren op 23-10-1824 te Groot Agelo, dochter van Jannes Meijer (zich ook genoemd hebbende Jan Meijers) landbouwer op "Kleine Meijer" te Groot Agelo en Euphemia Wiegerink (zich ook genoemd hebbende Euphemia Wiechink en Euphemia Wiecherink), overleden op 07-06-1893 te Langeveen op 68-jarige leeftijd.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 24-10-1850 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren met Hermannus Meijer, 30 jaar oud (zie 85).
Uit dit huwelijk: 5 kinderen.
 
87    Zuzanna Meijer, geboren op 10-03-1824 te Groot Agelo, overleden op 14-09-1848 te Groot Agelo op 24-jarige leeftijd, huisummer 17, ongehuwd.
 
88    Gesina Kemper, geboren circa 1822 te Weerselo, Nijstad, overleden op 07-04-1823 te Weerselo, Nijstad.
 
89    Aleida Hofstede, geboren circa 1833 te gemeente Weerselo, overleden op 29-04-1918 te gemeente Denekamp, ongehuwd.
 
90    Gerardus Hofste, geboren circa 1838 te gemeente Weerselo, overleden op 23-04-1906 te Volthe, gem. Weerselo, ongehuwd.
 
91    Janna Rorink, geboren op 17-09-1827 te Gammelke, gem. Weerselo, overleden op 01-10-1827 te Gammelke, 14 dagen oud.
 
92    Jannes Oude Hollink, geboren op 24-09-1828 te Gammelke, gem. Weerselo, overleden op 12-10-1828 te Gammelke, 18 dagen oud.
 
93    Aleida Oude Hollink, geboren circa 1833 te Gammelke, gem. Weerselo.
Gehuwd op 17-11-1858 te Weerselo met Johannes Oude Smeijers (zie 94).
 
94    Johannes Oude Smeijers, landbouwer, geboren circa 1821 te gemeente Weerselo, zoon van Gerrit Oude Smeijers en Hendrica Plecht, landbouwster Gehuwd op 17-11-1858 te Weerselo met Aleida Oude Hollink (zie 93).
 
95    Albertus Hermannus Meijer, Landbouwer op zijn ouderlijke boerderij "Luuks" aan de Nijenkampsweg 9 te Groot Agelo, geboren op 25-03-1850 te Groot Agelo, overleden op 11-03-1901 te Groot Agelo op 50-jarige leeftijd, huisnummer 28.
Gehuwd op 38-jarige leeftijd op 11-04-1888 te Denekamp met Susanna Groeneveld, 23 jaar oud (zie 96). Gezinsbladen: blad 72 1880-1900, Groot Agelo huisnummer 30, blad 71 1901-1923, Groot Agelo huisnummer 28.
Uit dit huwelijk:
   1.  Gradus Johannes Meijer (zie 136).
   2.  Albertus Hendrikus Meijer (zie 141).
   3.  Gezina Euphemia Meijer (zie 138).
   4.  Johannes Meijer (zie 139).
   5.  Hermannus Meijer (zie 140).
   6.  Bernardus Antonius Meijer (zie 142).

96    Susanna Groeneveld, geboren op 08-08-1864, dochter van Fredericus Groeneveld en Euphemia Rippert, overleden op 09-08-1925 te Groot Agelo op 61-jarige leeftijd, huisnummer 28.
Gehuwd op 23-jarige leeftijd op 11-04-1888 te Denekamp met Albertus Hermannus Meijer, 38 jaar oud (zie 95). Gezinsbladen: blad 72 1880-1900, Groot Agelo huisnummer 30, blad 71 1901-1923, Groot Agelo huisnummer 28.
Uit dit huwelijk: 6 kinderen.
 
97    Albertus Hendrikus Meijer, landbouwer, geboren op 23-03-1852 te Groot Agelo, overleden op 12-09-1920 te Groot Agelo op 68-jarige leeftijd, huisnummer 28, ongehuwd.
 
98    Johanna Gezina Meijer, geboren op 28-12-1853 te Groot Agelo, overleden op 25-05-1921 te Groot Agelo op 67-jarige leeftijd, huisnummer 49. Ze verkoopt op 28 januari 1898 als weduwe de afbraak van het plaatsje Oude Toenink in Groot Agelo. Kadastraal gemeente Denekamp, Sectie B nr. 272.
Gehuwd (1) op 25-jarige leeftijd op 25-09-1879 te Denekamp met Bernardus Burink, 29 jaar oud (zie 99).
Gehuwd (2) op 42-jarige leeftijd op 13-08-1896 te Denekamp met Albertus Smithuis, 57 jaar oud (zie 100).
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Gezina Susanna Burink (zie 144).
   2.  Bernardus Gerhardus Burink (zie 147).
   3.  Susanna Maria Burink (zie 149).
   4.  Anna Maria Burink (zie 150).
   5.  Maria Femia Burink (zie 151).
   6.  Antonia Aleida Burink (zie 153).
   7.  Gerhardus Johannes Burink (zie 155).

99    Bernardus Burink, landbouwer op Oude Toenink te Groot Agelo, geboren op 02-08-1850 te Reutum. Zoon van Hendrikus Burink en Gesina Nijland, overleden op 22-05-1894 te Groot Agelo op 43-jarige leeftijd, huisnummer 5. Hij erft van zijn oom en tante A.J. Evers en S. Burink Gehuwd op 29-jarige leeftijd op 25-09-1879 te Denekamp met Johanna Gezina Meijer, 25 jaar oud (zie 98). {Zij is later gehuwd op 42-jarige leeftijd op 13-08-1896 te Denekamp met Albertus Smithuis, 57 jaar oud (zie 100).}
Uit dit huwelijk: 7 kinderen.
 
100    Albertus Smithuis, landbouwer te Groot Agelo, geboren op 22-11-1838 te Groot Agelo, zoon van Albertus Smithuis, landbouwer en Euphemia Holtwijk, overleden op 21-02-1917 te Groot Agelo op 78-jarige leeftijd.
Gehuwd op 57-jarige leeftijd op 13-08-1896 te Denekamp met Johanna Gezina Meijer, 42 jaar oud (zie 98). {Zij was eerder gehuwd op 25-jarige leeftijd op 25-09-1879 te Denekamp met Bernardus Burink, 29 jaar oud (zie 99).}
 
101    Johannes Meijer, geboren op 22-09-1858 te Groot Agelo, overleden op 03-01-1859 te Groot Agelo, 103 dagen oud, huisnummer 17.
 
102    Zuzanna Maria (San) Meijer (Susanna Maria), geboren op 05-03-1860 te Groot Agelo, overleden op 08-04-1945 te Tilligte op 85-jarige leeftijd.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 13-05-1886 te Denekamp met Gerhardus (Graads) Ten Brink ("Oal Kienhoes Graads"), 24 jaar oud (zie 103).
Uit dit huwelijk:
   1.  Maria Gezina (Siena) Ten Brink (zie 156).
   2.  Gradus Johannes (Gerard) Ten Brink (zie 158).
   3.  Maria Berendina (Meijke) Ten Brink (zie 160).
   4.  Johanna Gezina Ten Brink (zie 162).
   5.  Johanna Maria Ten Brink (zie 169).
   6.  Bernardus Johannes Ten Brink (zie 163).
   7.  Maria Geertruida Ten Brink (zie 171).
   8.  Zuzanna Aleida Ten Brink (zie 164).
   9.  levenloos kind Ten Brink (zie 166).
   10.  Maria Aleida (Leida) Ten Brink (zie 167).

103    Gerhardus (Graads) Ten Brink ("Oal Kienhoes Graads"), landbouwer op Oude Kienhuis, nummer 65 te Tilligte, geboren op 10-11-1861 te Tilligte, zoon van Jannes ten Brink, Landbouwer en Maria Kienhuis Overleden op 01-08-1928 te Tilligte op 66-jarige leeftijd.
Gehuwd op 24-jarige leeftijd op 13-05-1886 te Denekamp met Zuzanna Maria (San) Meijer (Susanna Maria), 26 jaar oud (zie 102).
Uit dit huwelijk: 10 kinderen.
 
104    Maria Gezina Meijer, geboren op 12-03-1863 te Groot Agelo, overleden op 15-03-1864 te Groot Agelo op 1-jarige leeftijd, huisnummer 26.
 
105    Maria Berendina Meijer, geboren op 08-08-1865 te Groot Agelo, overleden op 25-12-1879 te Groot Agelo op 14-jarige leeftijd, huisnummer 26.
 
106    Berendina Aleida Brinkhuis, geboren op 20-07-1890 te Enschede, overleden op 16-05-1918 te Enschede op 27-jarige leeftijd, ongehuwd.
 
107    Hendrikus Albertus Brinkhuis, geboren op 01-06-1891 te Enschede, overleden op 11-06-1891 te Enschede, 10 dagen oud.
 
108    Hendrika Albertha Brinkhuis, geboren op 06-03-1892 te Enschede.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 30-01-1919 te Enschede met Albertus Mos, 32 jaar oud (zie 109).
 
109    Albertus Mos, beambte textielbond, geboren op 04-12-1886 te Enschede, zoon van Jannes Mos, 1892: fabrieksarbeider, 1919: stoker-machinist en Johanna Baake.
Gehuwd op 32-jarige leeftijd op 30-01-1919 te Enschede met Hendrika Albertha Brinkhuis, 26 jaar oud (zie 108).
 
110    Albertus Hendrikus Brinkhuis, 1924: broodventer, geboren op 15-02-1894 te Enschede.
Gehuwd op 30-jarige leeftijd op 22-05-1924 te Enschede met Maria Gerharda Catharina Wiggers, 29 jaar oud (zie 111).
 
111    Maria Gerharda Catharina Wiggers, 1924: naaister, geboren op 07-01-1895 te Ambt-Almelo, dochter van Johannes Wiggers, 1895: vormer, 1924: smid en Hendrika Gesina Wolthuis. Ouders wonende te Amsterdam.
Gehuwd op 29-jarige leeftijd op 22-05-1924 te Enschede met Albertus Hendrikus Brinkhuis, 30 jaar oud (zie 110).
 
112    Hendrikus Johannes Brinkhuis, geboren op 01-01-1896 te Enschede, overleden op 28-03-1967 te Enschede op 71-jarige leeftijd.
Gehuwd met Geertruida Maria Hendrika Haverkate (zie 113).
 
113    Geertruida Maria Hendrika Haverkate, geboren op 10-09-1900 te Enschede, dochter van Johannes Bernardus Haverkate, fabrieksarbeider en Maria Geerdink, overleden op 08-03-1960 te Enschede op 59-jarige leeftijd.
Gehuwd met Hendrikus Johannes Brinkhuis (zie 112).
 
114    levenloos kind Brinkhuis, geboren op 18-02-1898 te Enschede.
 
115    Johannes Arnoldus Brinkhuis, verzekeringsagent, geboren op 27-01-1899 te Enschede, overleden op 26-03-1945 te Georgsmarienhütte/Duitsland op 46-jarige leeftijd. Hij is een oorlogsslachtoffer en werd begraven op het Nationaal Ereveld Loenen, rij A 997.
Gehuwd met Wilhelmina Henrica Elisabeth Mütter (zie 116).
 
116    Wilhelmina Henrica Elisabeth Mütter, geboren op 12-04-1904 te Enschede, geboren in de Hooge Bothofstraat, dochter van Johannes Stephanus Lambertus Mütter, timmerman en Antonia van Rijssen.
Gehuwd met Johannes Arnoldus Brinkhuis (zie 115).
 
117    Gerhardus Lambertus Brinkhuis, 1930: textielarbeider, geboren op 08-06-1901 te Enschede, overleden op 04-12-1978 te Losser op 77-jarige leeftijd.
Gehuwd op 28-jarige leeftijd op 21-02-1930 te Enschede met Hendrika Johanna Maria De Mönnink, 26 jaar oud (zie 118).
 
118    Hendrika Johanna Maria De Mönnink, 1930: confectienaaister, geboren op 18-11-1903 te Enschede, geboren aan de Kortendijk, dochter van Albertus de Mönnink en Maria Johanna ten Voorde.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 21-02-1930 te Enschede met Gerhardus Lambertus Brinkhuis, 28 jaar oud (zie 117).
 
119    Aleida Johanna Stephana Brinkhuis, geboren op 26-12-1903 te Enschede, geboren aan de Bentrotstraat.
 
120    Mina Maria Brinkhuis, geboren op 02-10-1906 te Enschede, overleden op 01-02-1907 te Enschede, 122 dagen oud.
 
121    Hendrikus Johannes Haarhuis, geboren op 30-03-1904 te Rossum, overleden op 20-04-1904 te Rossum, 21 dagen oud.
 
122    Geertruida Aleida Haarhuis, geboren ..-02-1905 te Rossum, overleden op 19-01-1906 te gemeente Denekamp.
 
123    Johanna Maria Haarhuis, geboren op 01-01-1906 te Rossum, overleden op 03-01-1906 te Rossum, 2 dagen oud.
 
124    Geertruida Johanna Snijders, geboren circa 1899 te gemeente Weerselo.
Gehuwd op 17-04-1928 te Weerselo met Lambertus Bernardus Wolbers (zie 125).
 
125    Lambertus Bernardus Wolbers, schoenmaker, geboren circa 1900 te gemeente Weerselo, zoon van Gerardus Johannes Wolbers, metselaar en Hendrika Berendina Hofste Gehuwd op 17-04-1928 te Weerselo met Geertruida Johanna Snijders (zie 124).
 
126    Geziena Maria Snijders, geboren circa 1911 te gemeente Weerselo, overleden op 14-03-1946 te gemeente Weerselo, ongehuwd.
 
127    Euphemia Johanna Meijer, geboren circa 1852 te gemeente Weerselo, overleden op 27-12-1931 te Langeveen.
Gehuwd op 23-04-1880 te Tubbergen met Johannes Voorhuis, 38 jaar oud (zie 128).
Uit dit huwelijk:
   1.  Gerardus Voorhuis (zie 173).
   2.  Euphemia Johanna Voorhuis (zie 175).
   3.  Hendrikus Bernardus Voorhuis (zie 177).

128    Johannes Voorhuis, landbouwer, geboren op 09-08-1841 te Geesteren, zoon van Gerhardus Voorhuis en Hendrika Oude Geerdink Overleden op 22-02-1900 te Langeveen op 58-jarige leeftijd.
Gehuwd op 38-jarige leeftijd op 23-04-1880 te Tubbergen met Euphemia Johanna Meijer (zie 127).
Uit dit huwelijk: 3 kinderen.
 
129    Albertus Johannes Meijer, landbouwer, geboren circa 1855 te gemeente Weerselo.
Gehuwd op 19-07-1882 te Tubbergen met Berendina Oude Nieuweweeme, 18 jaar oud (zie 130).
 
130    Berendina Oude Nieuweweeme, geboren op 29-07-1863 te Langeveen, dochter van Jannes Oude Nieuweweeme en Gerritdina Flinkers Gehuwd op 18-jarige leeftijd op 19-07-1882 te Tubbergen met Albertus Johannes Meijer (zie 129).
 
131    Susanna Meijer, geboren circa 1857 te gemeente Weerselo, overleden op 13-02-1941 te Langeveen.
Gehuwd op 14-11-1883 te Tubbergen met Hendrikus Groothuis, 35 jaar oud (zie 132).
Uit dit huwelijk:
   1.  Hermina Maria Groothuis (zie 179).
   2.  Egbertus Hermanus Groothuis (zie 181).
   3.  Gerhardus Groothuis (zie 183).

132    Hendrikus Groothuis, landbouwer, geboren op 18-07-1848 te gemeente Wierden, postuum geboren zoon van Hendrik Groothuis en Maria Asbroek. Notitie in de geboorteakte: de vader is in juni 1848 overleden Overleden op 04-12-1936 te Langeveen op 88-jarige leeftijd.
Gehuwd op 35-jarige leeftijd op 14-11-1883 te Tubbergen met Susanna Meijer (zie 131).
Uit dit huwelijk: 3 kinderen.
 
133    Jan Hendrik Hermanus Meijer, landbouwer, geboren op 12-02-1861 te Langeveen.
Gehuwd op 31-jarige leeftijd op 24-08-1892 te Tubbergen. Notitie in de huwelijksakte: moeder bruid heet ook Suzanna Gezina Nijhuis met Zuzanna Gezina Nijkamp, 26 jaar oud (zie 134).
 
134    Zuzanna Gezina Nijkamp, geboren op 03-01-1866 te gemeente Denekamp, dochter van Gerrit Jan Nijkamp en Zuzanna Nijhuis.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 24-08-1892 te Tubbergen. Notitie in de huwelijksakte: moeder bruid heet ook Suzanna Gezina Nijhuis met Jan Hendrik Hermanus Meijer, 31 jaar oud (zie 133).
 
135    Anna Maria Meijer, geboren op 28-11-1865 te Langeveen.
 
136    Gradus Johannes Meijer, geboren op 07-02-1889 te Groot Agelo, overleden op 16-02-1949 te Groot Agelo op 60-jarige leeftijd. Landbouwer op zijn ouderlijke boerderij "Luuksmeijer" aan de Nijenkampsweg 9 te Groot Agelo Gehuwd op 43-jarige leeftijd op 08-07-1932 te Denekamp met Christina Susanna Steggink, 28 jaar oud (zie 137).
 
137    Christina Susanna Steggink, geboren op 01-04-1904 te Reutum, dochter van Gerrit Jan Steggink en diens tweede echtgenote Gerritdina Johanna Lankamp. Zij komt voor in de genealogie van de familie Bossink, overleden op 02-12-1958 te Groot Agelo op 54-jarige leeftijd.
Gehuwd op 28-jarige leeftijd op 08-07-1932 te Denekamp met Gradus Johannes Meijer, 43 jaar oud (zie 136).
 
138    Gezina Euphemia Meijer, geboren op 13-02-1894 te Groot Agelo, overleden op 18-09-1895 te Groot Agelo op 1-jarige leeftijd.
 
139    Johannes Meijer, geboren op 29-10-1896 te Groot Agelo, tweeling met Hermannus, overleden op 28-09-1982 te Losser op 85-jarige leeftijd, begraven te Ootmarsum. Ongehuwd. Hij was knecht bij Poolboer in Groot Agelo en vertrok later naar de gemeente Weerselo (22 oktober 1917).
 
140    Hermannus Meijer, landbouwer, geboren op 29-10-1896 te Groot Agelo, tweeling met Johannes, overleden op 04-06-1956 te Groot Agelo op 59-jarige leeftijd, ongehuwd.
 
141    Albertus Hendrikus Meijer, landbouwer en timmerman te Groot Agelo, geboren op 23-03-1891 te Groot Agelo, overleden op 03-05-1963 te Groot Agelo op 72-jarige leeftijd, overleden ten gevolge van een noodlottig ongeval, ongehuwd.
 
142    Bernardus Antonius Meijer, geboren op 13-07-1900 te Groot Agelo, overleden op 28-08-1983 te Groot Agelo op 83-jarige leeftijd.
Gehuwd met Anna Maria Brookhuis (zie 143).
 
143    Anna Maria Brookhuis, geboren op 17-12-1909 te Klein Agelo, dochter van Bernardus Brookhuis en Maria Geziena Vrooijink, overleden op 03-02-1991 te Losser op 81-jarige leeftijd, verpleeghuis Oldenhove, begraven te Ootmarsum.
Gehuwd met Bernardus Antonius Meijer (zie 142).
 
144    Gezina Susanna Burink, geboren op 08-11-1880 te Groot Agelo, overleden op 25-02-1956 te Groot Agelo op 75-jarige leeftijd.
Gehuwd (1) op 24-jarige leeftijd op 08-06-1905 te Denekamp met Bernardus Jozef Postel, 28 jaar oud (zie 145).
Gehuwd (2) op 39-jarige leeftijd op 07-05-1920 te Denekamp met Gradus Johannes Alberink, 37 jaar oud (zie 146).
 
145    Bernardus Jozef Postel, landbouwer te Groot Agelo, geboren op 24-03-1877 te Groot Agelo, overleden op 14-11-1917 te Groot Agelo op 40-jarige leeftijd.
Gehuwd op 28-jarige leeftijd op 08-06-1905 te Denekamp met Gezina Susanna Burink, 24 jaar oud (zie 144). {Zij is later gehuwd op 39-jarige leeftijd op 07-05-1920 te Denekamp met Gradus Johannes Alberink, 37 jaar oud (zie 146).}
 
146    Gradus Johannes Alberink, landbouwer te Groot Agelo, geboren op 24-01-1883 te Klein Agelo, overleden op 31-05-1965 te Klein Agelo op 82-jarige leeftijd.
Gehuwd op 37-jarige leeftijd op 07-05-1920 te Denekamp met Gezina Susanna Burink, 39 jaar oud (zie 144). {Zij was eerder gehuwd op 24-jarige leeftijd op 08-06-1905 te Denekamp met Bernardus Jozef Postel, 28 jaar oud (zie 145).}
 
147    Bernardus Gerhardus Burink, landbouwer te Groot Agelo, geboren op 29-05-1882 te Groot Agelo, overleden op 19-02-1949 te Groot Agelo op 66-jarige leeftijd. Hij koopt het "Oude Toenink" van zijn stiefvader Albertus Smithuis voor f 2600,- Totale grootte 6 ha. 47 a. 70 ca.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 08-10-1908 te Denekamp met Johanna Lansink, 24 jaar oud (zie 148).
 
148    Johanna Lansink, geboren op 28-06-1884 te Reutum, dochter van Gerhardus Lansink en Gezina Gebbink, overleden op 28-08-1960 te Groot Agelo op 76-jarige leeftijd.
Gehuwd op 24-jarige leeftijd op 08-10-1908 te Denekamp met Bernardus Gerhardus Burink, 26 jaar oud (zie 147).
 
149    Susanna Maria Burink, geboren op 03-08-1884 te Groot Agelo, overleden op 08-02-1894 te Groot Agelo op 9-jarige leeftijd, huisnummer 51.
 
150    Anna Maria Burink, geboren op 26-06-1887 te Groot Agelo, overleden op 06-08-1887 te Groot Agelo, 41 dagen oud.
 
151    Maria Femia Burink, geboren op 06-02-1888 te Groot Agelo, overleden op 15-05-1926 te Ootmarsum op 38-jarige leeftijd.
Gehuwd op 27-jarige leeftijd op 15-06-1915 te Ootmarsum met Gerhardus Wilhelm Quaink, 33 jaar oud (zie 152).
 
152    Gerhardus Wilhelm Quaink, schoenmaker en landbouwer te Ootmarsum, geboren op 16-08-1881 te Ootmarsum, zoon van Johann Wilhelm Quaink, schoenmaker en Maria Ikink, overleden op 31-12-1972 te Almelo op 91-jarige leeftijd, begraven te Ootmarsum, hertrouwt 45 jaar oud op 26 januari 1927 te Ootmarsum met 33-jarige Maria Gezina Veelers, geboren circa 1893 gemeente Denekamp, dochter van Hermannus Veelers en Anna Hesselink. Ze is overleden 81 jaar oud op 20 november 1975 te Ootmarsum.
Gehuwd op 33-jarige leeftijd op 15-06-1915 te Ootmarsum met Maria Femia Burink, 27 jaar oud (zie 151).
 
153    Antonia Aleida Burink, geboren op 23-08-1890 te Groot Agelo, overleden op 27-10-1958 te Groot Agelo op 68-jarige leeftijd.
Gehuwd op 25-jarige leeftijd op 18-11-1915 te Denekamp met Herman Schröder (zie 154).
 
154    Herman Schröder, landbouwer op Braakhuis/Breuker te Groot Agelo, geboren circa 1889 te Halle, Duitsland. Zoon van Bernhard Schröder en Aleida Heghuis, ten tijde van zijn huwelijk woonde hij in Mander, H-50.
Gehuwd op 18-11-1915 te Denekamp met Antonia Aleida Burink, 25 jaar oud (zie 153).
 
155    Gerhardus Johannes Burink, geboren op 21-10-1893 te Groot Agelo, overleden op 24-02-1896 te Groot Agelo op 2-jarige leeftijd, huisnummer 51.
 
156    Maria Gezina (Siena) Ten Brink, geboren op 05-05-1887 te Tilligte, geboren op Oude Kienhuis, overleden op 06-03-1974 te Tilligte op 86-jarige leeftijd, overleden op boerderij Maseland.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 02-10-1913 te Denekamp met Gerrit Jan Bodde, 43 jaar oud (zie 157).
 
157    Gerrit Jan Bodde, landbouwer op erve Mazeland te Tilligte, geboren op 12-01-1870 te gemeente Denekamp, zoon van Jannes Bodde en Gezina Helena Derkman, overleden op 05-01-1955 te Tilligte op 84-jarige leeftijd, weduwnaar van Johanna ten Dam, met wie hij 33 jaar oud op 22 mei 1903 te Denekamp was gehuwd, Johanna was 30 jaar oud, dochter van Hendrikus ten Dam, landbouwer en Euphemia Krabbe. Johanna is overleden 36 jaar oud op 21 december 1908 te gemeente Denekamp

Notarieel Archief toegang 0122, inventarisnummer 5213, actenummer 154 Inventaris familie Bodde op Mazeland te Tilligte, datum: 22 september 1913
Samenvatting,
Acte verleden voor notaris F.J.J. Kleinschmit te Ootmarsum op 22 september 1913. Op verzoek en in tegenwoordigheid van Gerrit Jan BODDE, landbouwer wonende op het erve "Mazeland" te Tilligte, gemeente Denekamp, voor zichzelf en als in hoedanigheid van vader-voogd over zijn vier minderjarige kinderen, geboren uit het huwelijk met zijn overleden echtgenote, de erflaatster Johanna TEN DAM: 1. Gradus Johannes BODDE, geboren 30 juni 1904; 2. Maria Helena BODDE, geboren 16 augustus 1905; 3. Johanna Euphemia BODDE, geboren 14 december 1906 en 4. Gezina Aleida BODDE, geboren 21 december 1908. In tegenwoordigheid van Johannes TEN DAM, landbouwer te Tilligte in hoedanigheid van toeziende voogd over genoemde minderjarigen. Hij werd hiertoe door de kantonrechter te Almelo beëdigd op 14 januari 1909
Overgegaan wordt tot de beschrijving van de huwelijksgemeenschap zoals die bestaan heeft tussen de comparant Gerrit Jan BODDE en zijn overleden echtgenote Johanna TEN DAM en de beschrijving van zowel Johanna TEN DAM als van het kind Aleida Gezina BODDE. Vooraf geeft de comparant BODDE te kennen dat hij op 22 mei 1903 in gemeenschap van goederen was gehuwd met Johanna TEN DAM. Uit het huwelijk werden vijf kinderen geboren, de vier genoemd 1 t/m 4 en Aleida Gezina BODDE. Het huwelijk werd ontbonden door het overlijden van Johanna TEN DAM op 21 december 1908 te Tilligte. Ze heeft geen testament gemaakt. Haar erfgenamen zijn de vijf kinderen, ieder voor 1/5e gedeelte. Tot heden is verzuimd een inventaris op te maken van de nalatenschap zodat de gemeenschap heeft voortgeduurd ten voordele van de minderjarigen. Het kind Aleida Gezina BODDE is overleden op 11 maart 1909 te Tilligte. Tot haar erfgenamen nalatende haar vader voor 1/4e deel, haar broer en drie zusters elk voor 3/16e deel. De beschrijving geschiedt ten sterfhuie van de erflaatster te Tilligte op het erve Mazeland op aanwijzing van de comparant BODDE, die sinds het overlijden steeds in het bezit is gebleven van de te beschrijven goederen. De schatting van de roerende goederen wordt gedaan door Bernardus ten Brink, landbouwer, wonende op het erve "Bekke" te Tilligte, als deskundige daartoe benoemd door de kantonrechter te Almelo op 18 september 1913.
A. De zaken behorende tot de huwelijksgemeenschap BODDE-TEN DAM In de keuken: Houten tafel geschat op f 0,75; Elf matstoelen op f 5,50; Hanglamp op f 0,50; Staartstukklok op f 5,-; Duif met kooi op f 1,-; Kookfornuis met pijp en drie ketels met staande plaat op f 15,-; Twaalf schilderijen met spiegel op f 3,-; Twee ronde tafeltjes op f 1,50; Ham en vet op f 18,-; Vijf vaasjes, inktstel, schenkblad en opgezette vogel op f 2,-; Glazen kastje op f 4,-; waarin: twee koffiekannen, twee theepotten, kruisbeeld, negen glaasjes, peperbus, twintig kopjes en schoteltjes, vijf dito, suikerpot, melkkan, lepelkistje op f 2,-; Twee glasgordijnen, fietspomp, fietslantaarn op f 2,-; Vijftien kommetjes, koffiemolen, koffiekan, melkkannetje, ijzeren braadpannetje en mandje op f 1,- In de eerste slaapkamer: Houten ledikant met veren bed en toebehoren op f 25,-; Rijwiel op f 15,-; Koffer op f 3,-; Handnaaimachine met kast op f 16,-; Tweeloops jachtgeweer met weitas op f 10,-; Twee gordijntjes en twee schilderijen op f 0,25; In de tweede slaapkamer: Houten ledikant met eren bed en toebehoren op f 25,-; Eikenhouten kist op f 6,-; Eikenhouten kleerkist op f 10,-; In de kamer: Vurenhouten kabinet op f 18,-; Eikenhouten ladetafel op f 10,-; Vurenhouten kleerkist op f 8,-; Mahoniehouten ronde tafel met tafelkleed op f 5,-; Drie matstoelen op f 0,75; hanglamp en vier parapluies op f 1,-; Drie glasgordijnen, drie ondergordijntjes, drie aasjes, een beeld en spoormandje op f 1.50; Staande lamp, spiegel, kruiseeld, schenkblaadje, zes eelden, karaf, spiegeltje, twee kopjes en scholteltjes, asbakje en een vaas op f 3,-; Twee trommeltjes, valiesje, petrolumstel, portemonae en twee vliegenvangers op f 1,50; In de melkkamer: zes en twintig borden, twee schalen, ijzeren pot met deksel, inmaakkruik met snijbonen, veertien vorken, twaalf lepels en ketel op f 3,-; Koekepan, kruik met deksel, twee melkbussen, ketel , twee mandjes met drie en twintig eieren op f 3,-; Oud vat met meel, schotel met deksel op f 1,-; In de kelder: vaatje en blikken trommel op f 0,50; In de meidenkamer: Houten ledikant met veren bed en toebehoren op f 15,-; Een dito op f 6,-; Een klein houten ledikantje op f 3,-; Een wekker op f 1,-; In de knechtenkamer: Een houten ledikant met veren bed en toebehoren op f 20,-; Op de deel: Turfbak met oude kist op f 1,-; waarin vijftig kilogram spek op f 35,-; Eikenhouten zaadkist op f 4,-; Twee kisten op f 3,-; Dorschmachine met gubel (?) op f 120,-; Hakselkist op f 0,50; Twee ladders op f 1,-; Twee vaten, drie emmers, melkbus op f 2,-; Gedorste rogge op f 33,-; Ongedorste rogge op f 175,-; Varken op f 40,-; Op het erf: Oud varken op f 70,-; Rogge op f 252,-; Slijpsteen op f 0,50; Wagenladders met toebehoren op f 3,-; Ladderwagen met toebehoren op f 10,-; Kuip, duivenkooi en paardetuig op f 4,-; Takkebossen op f 12,-; Twee veevoerderpotten op f 6,-; Ladderwagen met ton op f 18,-; Ploeg op f 3,-; Ladderwagen op f 6,-; Aardappelen met zeven manden op f 6,-; Brandhout op f 3,-; Droog brandhout op f 4,-; Drie eggen op f 3,-; Vijftig kippen met drie hanen op f 25,-; In de grote schuur: Kleedwagen met toebehoren op f 30,-; Aardappelen op f 6,-; Oude wagen met stro op f 10,-; Vier wagenladders met planken op f 12,-; Kunstmest op f 36,-; Tilburij op f 10,-; Grasmachine met slijpsteen op f 80,-; Ongedorste rogge op f 49,-; Houten kist op f 1,50; Paardetuig op f 1,50; In de kleine schuur: Aardappelen op f 135,-; Vleeskuip op f 3,-; Hooi op f 20,-; Op de koestalzolder: Hooi op f 250,-; In de weide: vier vaarskalveren en een stierkalf op f 240,-; In een andere weide: Zwartbonte koe op f 160,-; Een dito op f 140,-; Een roodbonte koe op f 140,-; Een zwartbonte koe op f 200,-; Een vaalbonte koe op f 130,-; Een zwartbonte koe op f 150,-; Een dito op f 130,-; In een oud schuurtje: Varken op f 45,-; Op het land: Een oud merriepaard op f 80,-; Een oud ruinpaard op f 180,-; Voorts: Nikkel horloge met dito ketting op f 3,-; Linnen op f 27,50; Mans en vrouwenlijfdracht op f 40,-; Gouden voorwerpen, titel en gewicht onbekend: Drie ringen op f 3,-; Twee oorbellen op f 3,-; Twee halskettingen met kruisje op f 20,-; Horlogeketting op f 8,-; Zilveren horlogeketting, titel en gewicht onbekend op f 0,50 Aan contanten f 5,- Totaal f 3.461,75
Schulden: Aan Bernardus Meinders, landbouwer te Tilligte, wegens overbedeling op 6 april 1903, groot aan kapitaal f 1100,-, rente 3 ½ % op 1 april, ingevolge akte van boedelscheiing verleden 6 april 1903 voor notaris Ten Pol te Ootmarsum f 1100,-
Onroerende goederen: De kadastrale percelen, gemeente Denekamp, sectie C nummers 157, 158, 367, 385, 386, 387, 388, 389, 1256, 1257, 1292, 1293, 1301, 1302, 1303, 1304, 1315, 1318, 1333, 1336, 1337, 1724, 1725, 1726, 1727, 1728, 1729 Sectie F nummers 1421 en 2217, zijnde hakhout, weiland, broekgrond, heide, bomen, hooiland, bouwland, gaardengrond, bos, tuin, huis, schuur en erf, samen groot 17 ha. 88 a. 47 ca. (Artikel 3785) Een onverdeeld aandeel in het kadastrale perceel gemeente Weerselo, Sectie D nummer 1002 broekgrond en heide, groot 1 ha. 2 a. 50 ca. (Artikel 4379) Een onverdeeld aandeel in het kadastrale perceel gemeente Denekamp, Sectie C nummer 1683 bomen, groot 80 a. 10 ca. (Artikel 1558) B. De nalatenschap van het kind Aleida Gezina BODDE bestaat uit 1/20e aandeel in voorschreven zaken en voorschreven schuld. Passief: Aan Johannes Gerhardus Mollink te Tilligte wegens kost en inwoning door haar genoten van 1 januari 1909 af t/m de dag van haar overlijden f 20,-; Haar begrafeniskosten met inbegrip van uitvaart en kerkelijke diensten sinds haar sterven t/m het eerste jaargetijde na haar overlijden f 61,-; Samen f 81,-. Deze som werd betaald met geld uit de gecontinueerde gemeenschap C. Zaken behorende tot de gecontinueerde gemeenschap. Op de deel: Hakselmachine op f 10,-; Kafmolen op f 15,-; Strosnijder op f 8,-; Knolrapensnijder op f 12,-; Op het erf: Dertig kippen op f 15,-; Vijf biggen op f 75,-; In de kleine schuur: Bascule op f 6,-; In de weide: Vier graskalveren en een stierkalf op f 500,- In een oud schuurtje: Acht kleine biggen op f 40,- Op het land: Een bruin merriepaard op f 220,-; Aardappelen op f 120,-; Voerwortelen en knolrapen op f 40,-; Een inlage bij de Boerenleenbank te Denekamp groot aan kapitaal f 660,99. Het saldo bedroeg op 1 januari jongstleden f 460,99 terwijl op 14 augustus jongstleden de f 200,- zijn ingelegd, samen f 660,99; Aan contanten f 405,- Een vordering op de nalatenschap van Johanna TEN DAM wegens met penningen van de gecontinueerde gemeenschap betaalde begrafeniskosten met zielmissen ad f 250,-; Een vordering op de nalatenschap van het kind Aleida Gezina BODDE wegens met penningen van de gecontinueerde gemeenschap betaalde begrafeniskosten met zielmissen en voor kostgeld zoals voormeld f 81,-; Een vordering ten laste van Hermannus Kamphuis, handelaar in manufacturen te Neede, provincie Gelderland, wegens geleend geld, groot in kapitaal f 500,-, rente drie 3/4e procent per jaar, verschijnende elke jaar op 1 maart f 500,-. En wegens lopende rente van dat kapitaal (memorie) Een vordering ten laste van Albertus Kamphuis, landbouwer te Klein Agelo wegens geleend geld, rente als hiervoor f 1300,-. En wegens lopende rente van dat kapitaal (memorie) Samen f 4257,99 De comparant BODDE verklaarde dat de helft van al de voorschreven zaken voor zover die behoren tot de bedoelde huwelijksgemeenschap en de voortgezette gemeenschap toebehoren aan Gerardus Johannes BODDE, landbouwer op het erve "Mazeland" te Tilligte, vanwege acte van boedelscheiding van 6 april 1903, verleden voor notaris Ten Pol te Ootmarsum, terwijl de andere helft behoort tot deze huwelijksgemeenschap en voortgezette gemeenschap.
Tot de voortgezetten gemeenschap behoren nog de volgende schulden: Aan Gerrit Sleiderink, landbouwersknecht te Tilligte, wegens dienstknechtenloon, ingegaan op 8 april jl. tegen een jaarlijks loon van f 100,- (memorie) Aan Maria Borggreve, dienstmeid te tilligte, wegens dienstbodenloon, ingegaan op 8 april jl. tegen een jaarlijks loon van f 95,- (memorie) Aan Gezina ten Brink te Tilligte, wegens dienstbodeloon, ingegaan 8 april jl. tegen een jaarlijks loon van f 105,- verschuldigd tot 20 augustus jl. (memorie) Ook behoort tot de gecontinueerde gemeenschap een vordering van f 30,- voldaan aan A.J. Hondelink, arts te Denekamp voor geneeskundige behandeling met penningen van die gemeenschap en ten laste van de huwelijksgemeenschap f 30,-
Niets meer aangegeven zijnde heeft de comparant aangever in handen van mij notaris de eed afgelegd, dat hij niets heeft verzwegen of verduisterd, noch gezien heeft, noch weet dat iets verduisterd, noch gezien heeft, noch weet dat iets verduisterd is van hetgeen tot voorschreven huwelijksgemeenschap, nalatenschappen en gecontinueerde gemeenschap behoort, waarna alle geïnventariseerde zaken onder zijn berusting zijn gelaten onder verantwoording volgens de wet. Na bezig geweest te zijn van 's middags twee tot 7 uur is deze boedelbeschrijving gesloten. De verschenen personen zijn aan mij notaris bekend. Aldus gedaan in tegenwoordigheid van Hendrikus Loman, landbouwer te Tilligte en Hendrikus Theodorus Weustink, metselaar en caféhouder te Ootmarsum, als getuigen. Onmiddellijk na voorlezing hebben de comparanten, de schatter en de getuigen en de notaris deze acte ondertekend.
w.g. G. J. Bodde, J. ten Dam, B. ten Brink, H. Loman, H.T. Weustink, F.J.J. Kleinschmit, notaris.
Gehuwd op 43-jarige leeftijd op 02-10-1913 te Denekamp met Maria Gezina (Siena) Ten Brink, 26 jaar oud (zie 156).
 
158    Gradus Johannes (Gerard) Ten Brink, landbouwer op zijn ouderlijke boerderij Oude Kienhuis te Tilligte, geboren op 07-11-1888 te Tilligte, geboren op Oude Kienhuis, nummer 67, Tilligte, overleden op 12-11-1981 te Tilligte op 93-jarige leeftijd.
Gehuwd op 37-jarige leeftijd op 21-05-1926 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren. Erfopvolger wordt een neef van Berendina Maria Groeneveld, zoon van haar broer Gerardus Albertus Groeneveld. Het betreft Albertus Antonius Groeneveld, Bertus. Deze trouwt met Anna Maria Ribberink van het erf Möschhoes in Tilligte. A.A. Groeneveld geboren 20 juni 1928 te Tilligte (op Greuneveld), zoon van Gerardus Albertus Groeneveld en Susanna Aleida ten Brink en hij is overleden 5 mei 1999 te Tilligte op Oude Kienhuis A.M. Ribberink is overleden te Tilligte op Oude Kienhuis met Berendina Maria (Dina) Groeneveld, 26 jaar oud (zie 159).
 
159    Berendina Maria (Dina) Groeneveld, geboren op 04-06-1899 te gemeente Denekamp, dochter van Albertus Groeneveld en Johanna Zegger (Ze is een zuster van Gerardus Alberus Groeneveld, gehuwd met Zuznna Aleida ten Brink.), overleden op 16-12-1966 te Tilligte op 67-jarige leeftijd.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 21-05-1926 te Denekamp. Uit het huwelijk worden geen kinderen geboren. Erfopvolger wordt een neef van Berendina Maria Groeneveld, zoon van haar broer Gerardus Albertus Groeneveld. Het betreft Albertus Antonius Groeneveld, Bertus. Deze trouwt met Anna Maria Ribberink van het erf Möschhoes in Tilligte. A.A. Groeneveld geboren 20 juni 1928 te Tilligte (op Greuneveld), zoon van Gerardus Albertus Groeneveld en Susanna Aleida ten Brink en hij is overleden 5 mei 1999 te Tilligte op Oude Kienhuis A.M. Ribberink is overleden te Tilligte op Oude Kienhuis met Gradus Johannes (Gerard) Ten Brink, 37 jaar oud (zie 158).
 
160    Maria Berendina (Meijke) Ten Brink, geboren op 08-02-1891 te Tilligte, tweeling met Johanna Gezina, overleden op 18-11-1984 te Lattrop op 93-jarige leeftijd, overleden op "Wiggerskuper" te Lattrop.
Gehuwd op 31-jarige leeftijd op 24-05-1922 te Denekamp met Johannes Gerhardus Wigger, 34 jaar oud (zie 161).
 
161    Johannes Gerhardus Wigger, landbouwer te Lattrop, geboren op 13-03-1888 te Lattrop, zoon van Johannes Wigger, kuiper en Gezina Keukeler Overleden op 11-10-1935 te Oldenzaal op 47-jarige leeftijd, begraven te Lattrop.
Gehuwd op 34-jarige leeftijd op 24-05-1922 te Denekamp met Maria Berendina (Meijke) Ten Brink, 31 jaar oud (zie 160).
 
162    Johanna Gezina Ten Brink, geboren op 08-02-1891 te Tilligte. Tweeling met Maria Berendina, overleden op 20-04-1891 te Tilligte, 71 dagen oud.
 
163    Bernardus Johannes Ten Brink, geboren op 30-03-1895 om 02.30 uur te Tilligte, tweeling met Maria Geertruida, overleden op 02-04-1895 te Tilligte, 3 dagen oud.
 
164    Zuzanna Aleida Ten Brink, geboren op 24-02-1897 te Tilligte, overleden op 17-05-1977 te Oldenzaal op 80-jarige leeftijd, naam op het bidprentje: Susanna Aleida ten Brink, begraven te Tilligte.
Gehuwd op 29-jarige leeftijd op 10-09-1926 te Denekamp. Erfopvolger op Oude Kienhuis wordt een neef van Berendina Maria Groeneveld, het betreft de zoon van haar broer Gerardus Albertus Groeneveld: Albertus Antonius GROENEVELD, Bertus. Deze trouwt met Anna Maria Ribberink van het erf Möschhoes in Tilligte. A.A. Groeneveld werd geboren 20 juni 1928 te Tilligte (op Greuneveld), zoon van Gerardus Albertus Groeneveld en Susanna Aleida ten Brink en hij is overleden 5 mei 1999 te Tilligte op Oude Kienhuis. A.M. Ribberink is overleden te Tilligte op Oude Kienhuis met Gerardus Albertus Groeneveld, 31 jaar oud (zie 165).
 
165    Gerardus Albertus Groeneveld, landbouwer te Tilligte, geboren op 18-05-1895 te Tilligte, zoon van Albertus Groeneveld en Johanna Zegger. Hij is een broer van Berendina Maria, gehuwd met Gradus Johannes ten Brink, overleden op 21-01-1971 te Tilligte op 75-jarige leeftijd.
Gehuwd op 31-jarige leeftijd op 10-09-1926 te Denekamp. Erfopvolger op Oude Kienhuis wordt een neef van Berendina Maria Groeneveld, het betreft de zoon van haar broer Gerardus Albertus Groeneveld: Albertus Antonius GROENEVELD, Bertus. Deze trouwt met Anna Maria Ribberink van het erf Möschhoes in Tilligte. A.A. Groeneveld werd geboren 20 juni 1928 te Tilligte (op Greuneveld), zoon van Gerardus Albertus Groeneveld en Susanna Aleida ten Brink en hij is overleden 5 mei 1999 te Tilligte op Oude Kienhuis. A.M. Ribberink is overleden te Tilligte op Oude Kienhuis met Zuzanna Aleida Ten Brink, 29 jaar oud (zie 164).
 
166    levenloos kind Ten Brink, geboren op 19-07-1899 te Tilligte.
 
167    Maria Aleida (Leida) Ten Brink, geboren op 07-09-1900 te Tilligte, overleden op 08-07-1945 te Oldenzaal op 44-jarige leeftijd, begraven te Tilligte.
Gehuwd op 28-jarige leeftijd op 23-11-1928 te Denekamp met Franciscus Hendrikus Arends, 28 jaar oud (zie 168).
 
168    Franciscus Hendrikus Arends, smid en kastelein te Tilligte, geboren op 04-05-1900 te Lattrop, zoon van Antoon Arends en Geertruida Gezina Leliefeld, overleden op 12-07-1974 te Tilligte op 74-jarige leeftijd, correspondentieadres: Ootmarsumseweg 167, Tilligte.
Gehuwd op 28-jarige leeftijd op 23-11-1928 te Denekamp met Maria Aleida (Leida) Ten Brink, 28 jaar oud (zie 167).
 
169    Johanna Maria Ten Brink, geboren op 01-05-1893 te Tilligte, geboren op Oude Kienhuis, overleden op 14-04-1968 te Reutum op 74-jarige leeftijd.
Gehuwd op 23-jarige leeftijd op 12-10-1916 te Tubbergen met Johannes Bernardus Mensink, 35 jaar oud (zie 170).
 
170    Johannes Bernardus Mensink, landbouwer te Reutum, geboren op 20-10-1880 te Reutum, zoon van Johannes Mensink en Gezina Maria Vrerink, overleden op 12-12-1964 te Reutum op 84-jarige leeftijd.
Gehuwd op 35-jarige leeftijd op 12-10-1916 te Tubbergen met Johanna Maria Ten Brink, 23 jaar oud (zie 169).
 
171    Maria Geertruida Ten Brink, geboren op 30-03-1895 om 02.00 uur te Tilligte, tweeling met Bernardus Johannes, overleden op 08-03-1984 te Tubbergen op 88-jarige leeftijd.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 25-05-1921 te Tubbergen met Johannes Gerhardus Hesselink ("Mistroat"), 26 jaar oud (zie 172).
 
172    Johannes Gerhardus Hesselink ("Mistroat"), geboren op 26-06-1894 te Tubbergen, overleden op 01-12-1972 te Tubbergen op 78-jarige leeftijd.
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 25-05-1921 te Tubbergen met Maria Geertruida Ten Brink, 26 jaar oud (zie 171).
 
173    Gerardus Voorhuis, geboren circa 1880 te Langeveen, overleden op 26-04-1956 te Langeveen.
Gehuwd met Johanna Gezina Greving (zie 174).
 
174    Johanna Gezina Greving, geboren te Vriezenveen, dochter van Johannes Anton Greving en Gezina ten Berge Gehuwd met Gerardus Voorhuis (zie 173).
 
175    Euphemia Johanna Voorhuis, geboren circa 1881 te Langeveen, overleden na 1935.
Gehuwd op 19-05-1904 te Tubbergen met Gerhardus Johannes Bernds (zie 176).
 
176    Gerhardus Johannes Bernds, timmerman, geboren circa 1869 te gemeente Tubbergen, zoon van Jannes Bernds en Berendina Roelofs Gehuwd op 19-05-1904 te Tubbergen met Euphemia Johanna Voorhuis (zie 175).
 
177    Hendrikus Bernardus Voorhuis, Landbouwer te Langeveen, geboren circa 1893 te Langeveen.
Gehuwd op 03-11-1922 te Tubbergen met Geertruida Rikhof (zie 178).
 
178    Geertruida Rikhof, geboren circa 1894 te gemeente Tubbergen, dochter van Hermanus Rikhof en Geertruida Oude Pleijhuis, weduwe van Jannes Schothuis. Zij waren getrouwd op 24 januari 1913 te Tubbergen, Jannes was kleermaker, 37 jaar oud, Geertruida was 19 jaar oud. Jannes is overleden 46 jaar oud op 5 januari 1922 te Langeveen.
Gehuwd op 03-11-1922 te Tubbergen met Hendrikus Bernardus Voorhuis (zie 177).
 
179    Hermina Maria Groothuis, geboren circa 1885 te Langeveen.
Gehuwd op 16-06-1916 te Tubbergen met Johannes Boerrigter (zie 180).
 
180    Johannes Boerrigter, landbouwer, geboren circa 1888 te gemeente Tubbergen, zoon van Egbertus Boerrigter en Hendrika Reinerink Gehuwd op 16-06-1916 te Tubbergen met Hermina Maria Groothuis (zie 179).
 
181    Egbertus Hermanus Groothuis, landbouwer, geboren circa 1887 te gemeente Tubbergen.
Gehuwd op 21-08-1920 te Tubbergen met Hermina Aleida Ten Velde (zie 182).
 
182    Hermina Aleida Ten Velde, geboren circa 1898 te gemeente Tubbergen, dochter van Johannes Albertus ten Velde, landbouwer en Johanna Broekhuis Gehuwd op 21-08-1920 te Tubbergen met Egbertus Hermanus Groothuis (zie 181).
 
183    Gerhardus Groothuis, landbouwer, geboren circa 1893 te gemeente Tubbergen.
Gehuwd op 08-06-1923 te Tubbergen met Maria Reinders (zie 184).
 
184    Maria Reinders, geboren circa 1901 te gemeente Tubbergen, dochter van Egbertus Johannes Reinders, landbouwer en Susanna Rikhof Gehuwd op 08-06-1923 te Tubbergen met Gerhardus Groothuis (zie 183).
 

 


gemaakt met PRO-GEN 'Genealogie à la Carte' software